Archieven: Agenda

  • De Goelag Archipel bestaat vijftig jaar

    De Goelag Archipel bestaat vijftig jaar

    Omdat 360 niet alles kan vertalen wat de redactie leest, ziet en hoort, tippen wij voor u enkele interessante artikelen, podcasts, documentaires en fotoreportages die wij deze week tijdens het speuren naar mooie journalistiek zijn tegengekomen.

    Solzjenitsyns grootste risico

    Het is alweer een halve eeuw geleden dat het wereldberoemde boek De Goelag Archipel van de Russische schrijver Aleksandr Solzjenitsyn (1918-2008) gepubliceerd werd, nadat het enkele jaren illegaal in Rusland circuleerde. In december 1973 werd het voor het eerst in Parijs gedrukt, zo las redacteur Marc van Rijswijk. In de roman van vijfhonderd pagina’s wordt de ware omvang van het concentratiekampennetwerk in de Sovjet-Unie blootgelegd en wordt het leven in die kampen beschreven. Het boek wordt als een van de invloedrijkste werken van de twintigste eeuw beschouwd en heeft zich een plek in de wereldliteratuur veroverd.

    Ter gelegenheid hiervan wijdde Radio Svoboda een artikel aan het boek en de totstandkoming ervan. Ook belde de nieuwszender met Ignat, een van de drie zonen van Solzjenitsyn, die de dag dat zijn vader in 1974 thuis door de KGB werd opgepakt nog levendig voor de geest kan halen. Volgens Ignat wilde zijn vader met zijn boek vooral duidelijk maken dat het kwaad niet in een groep zit, maar in willekeurige, doodgewone mensen, wachtend op de gelegenheid om naar buiten te treden. Daarom is het boek volgens Ignat nog steeds uiterst actueel. Je leest het artikel en het verhaal van Ignat hier in het Russisch en hier in het Engels.

    The Guardian herpubliceerde een artikel uit 1973 onder de kop ‘Solzjenitsyn neemt zijn grootste risico’ die de publicatie van De Goelag Archipel aankondigde. ‘Misschien wel het meest politiek gevaarlijke van al zijn [Solzjenitsyns] boeken wordt vandaag in Parijs gepubliceerd in een Russische editie’, schreef de Britse krant op 28 december van dat jaar.


    Koortsachtige Mexicaanse klassieker

    Hoe de Colombiaanse schrijver Gabriel García Márquez op het idee van Honderd jaar eenzaamheid kwam is een bekend verhaal in Latijns-Amerika, ontdekte redacteur Joep Harmsen in een essay van de Mexicaanse auteur Valeria Luiselli: ‘Het is 1961 en Gabriel García Márquez is net aangekomen in Mexico-stad, berooid maar vol literaire ambitie, wanhopig probeert hij aan een nieuwe roman te werken. Op een dag zit hij in het legendarische Café La Habana, waar Fidel Castro en Che Guevara de Cubaanse revolutie zouden hebben beraamd. Julio Cortázar komt binnen met een exemplaar van Juan Rulfo’s roman Pedro Páramo. Met een snel gebaar, alsof hij aan het kaarten is, gooit Cortázar het boek op de tafel van García Márquez. “Tenga, pa que aprenda,” zegt hij. “Lees dit en leer.”’

    Die nacht leest García Márquez de roman uit in één koortsachtige, slapeloze zit. Dit dunne boek, dat zich afspeelt in een plattelandsdorp vol geesten en echo’s uit het verleden, achtervolgt hem zo dat hij het diezelfde nacht nog eens leest en het uit zijn hoofd begint te leren. De volgende dag kan hij eindelijk beginnen met het schrijven van Honderd jaar eenzaamheid.‘

    Luiselli schrijft dit in The New York Times naar aanleiding van een nieuwe Engelstalige vertaling door Douglas J. Weatherford van Juan Rulfo’s klassieker uit 1955. Lees haar hele bespreking van dit boek dat Susan Sontag een van de meesterwerken van de twintigste eeuw noemde hier.


    Drie verdiepende leestips

    » In Frankrijk vindt een revolutie plaats op kleine schaal: straten in dorpen met minder dan 2000 inwoners moeten nu ook een naam krijgen. Dus geen adressen meer als: ‘In het gehucht met de vierkante schuur, het eerste huis in de buurt van de laurierbomen, met de smeedijzeren poort’, maar een saaie straatnaam plus huisnummer. Al die moderniteit is wennen voor veel dorpsbewoners, schrijft Le Monde in een leuk geschreven reportage.

    » De ongelijkheid tussen Oost- en West-Duitsland wordt ook weerspiegeld in het voetbal, volgens Frankfurter Allgemeine Zeitung. In de Bundesliga spelen namelijk maar twee clubs uit het voormalig communistische deel, voor het tweede profniveau geldt hetzelfde. Lees hier waar dat aan ligt.

    » Zeg je hardlopen, dan zeg je Kenia. Het land staat bekend als een hofleverancier van marathonlopers met wereldrecordhouders als Kelvin Kiptum en Eliud Kipchoge, maar hardlopen is zoveel meer dan alleen topsport in het land. Rondom de sport is een complexe sociale dynamiek ontstaan, schrijft Africa is a Country in een artikel waarin de Keniaanse hardloopcultuur ontrafeld wordt.

  • Het betoverende werk van Monira Al Qadiri

    Het betoverende werk van Monira Al Qadiri

    Er is geen andere god dan olie en gas, luidt een van de implicaties van het werk van Monira Al Qadiri, die opgroeide in Koeweit in een tijd dat olie er nog niet allesbepalend was. Ze wijdt haar werk aan de enorme veranderingen die de winning ervan voor haar land en wereldwijd veroorzaakt heeft. Haar werk typeert kunsttijdschrift e-flux onder meer als ‘absurdistische samensmelting van prehistorische levensvormen met hedendaags comfort’. Zo creëerde ze een rubberen dinosaurus die karaoke zingt: zijn melancholische stem smeekt de mensheid om de bijdrage van zijn uitgestorven soort aan de overvloed van de consument te herdenken. In een van haar bekendste werken zweeft een camera door een opzettelijk armoedig ogende maquette van een raffinaderij, terwijl een gedicht te horen is over de schoonheid van het gebouw en de vrijwel goddelijke krachten van olie. E-flux noemt het werk ‘betoverend (…) mede dankzij de dubbelzinnigheid: je weet nooit zeker waar de grootsheid van de vertelling en de beelden eindigt en de ironie begint.’

    ‘Ik hou van de traditie van kunstenaars uit de middeleeuwen: die waren in alles geïnteresseerd’

    Crude Eye nodigt de kijker uit zich voor te stellen dat de dominante politieke theologie van het huidige moment, gebaseerd op liberale overtuigingen en economische instrumenten om deze te verspreiden, is verschoven naar een meer materialistisch wereldbeeld. Ironisch is ook dat het kunstwerk is gemaakt in opdracht van het Cynthia Woods Mitchell Center for the Arts van de Universiteit van Houston, genoemd naar de vrouw van wijlen George P. Mitchell, hydraulisch ingenieur en miljardair, die een fortuin verdiende met het pompen van aardgas in Texas.

    De kunstenaar maakt in haar werk veel gebruik van muziek, materialen, beeld en tekst. Tegen kunsttijdschrift Lampoon zegt ze hierover: ‘Ik hou van de traditie van kunstenaars uit de middeleeuwen: die waren in alles geïnteresseerd. Ze gebruikten filosofie, wetenschap en religie en mengden dat om iets interessants te creëren. Het is idioot dat we in onze huidige tijd zo gespecialiseerd zijn. (…) Toen ik naar Libanon verhuisde, (…) experimenteerde iedereen met een miljoen dingen tegelijk, en dat was oké. In Japan, waar ik lange tijd heb gewoond, waren de mensen gefocust. (…) Terugkeren naar een alomvattend perspectief is van cruciaal belang, omdat we nu ook de middelen hebben om alles na te streven wat we willen.’

    Het werk van Monira Al Qadiri is tot 7 januari te zien in De Balie in Amsterdam in samenwerking met het Hartwig Art Foundation

    Door Laura Weeda

  • En het land van het jaar is…

    En het land van het jaar is…

    Omdat 360 niet alles kan vertalen wat de redactie leest, ziet en hoort, tippen wij voor u enkele interessante artikelen, podcasts, documentaires en fotoreportages die wij deze week tijdens het speuren naar mooie journalistiek zijn tegengekomen.

    Verassende winnaar

    De jaarlijkse keuze voor land van het jaar door The Economist begint met een bittere vaststelling, las redacteur IJsbrand van Veelen: ’Historici zullen niet op 2023 terugkijken als een gelukkig jaar voor de mensheid. Oorlogen laaien op, het aantal autocratische regimes rijst de pan uit en in veel landen lappen autoritaire leiders wetten aan hun laars en beknotten ze de vrijheid. Dit is de grimmige achtergrond van onze jaarlijkse ‘land van het jaar’-prijs. Als die bedoeld zou zijn voor de veerkracht van gewone mensen tegenover verschrikkingen, dan zou er een overvloed aan kandidaten zijn, van Palestijnen en Israëli’s in hun bittere conflict tot Soedanezen die vluchten terwijl hun land implodeert.’

    Het land dat het meest verbeterde, schrijft het Britse weekblad half grappend, is waarschijnlijk Barbieland. De kandidaten van daadwerkelijke landen vallen in twee groepen uiteen: landen die zich verzetten tegen hun autocratische bullebak-buren (denk: Oekraïne) en landen die in eigen huis de democratie of liberale waarden verdedigden (denk Brazilië of Polen). Welk land echt werd gekozen door The Economist lees je hier.


    Drie verdiepende leestips

    » Sinds in Nicaragua in 2018 hard optrad tegen antiregeringsdemonstraties is het land veranderd in een politiestaat. Politieke tegenstanders worden monddood gemaakt en burgers worden opgepakt zonder proces. Allerlei burgerlijke, politieke en religieuze rechten worden onder het bewind van Daniel Ortega geschonden, wat doet dat met het land? El Confidencial maakte de balans op.

    » In Japan staat op elke hoek van de straat wel een automaat. Of het nu gaat om speelgoed, cola of snacks: nergens ter wereld zijn er zoveel automaten als in het Aziatische land. Süddeutsche Zeitung maakte er een mooie reportage over en bezocht Hiroaki Omatsu, die tweeduizend plastic capsules met kleine speelgoedjes erin bezit

    » Door de oorlog liggen de ziekenhuisafdelingen in Gaza vol met patiënten die vallen onder de afkorting WCNSF: wounded child, no surviving family, oftewel ‘gewond kind, geen overlevende familie’. Naar schatting is 40 procent van de slachtoffers minderjarig. The Guardian sprak experts over wat dit betekent voor het leven van opgroeiend kind en zocht de kinderen op in vluchtelingenkampen en ziekenhuizen. Zo ook de veertienjarige Kareem: ‘Ik kon geen afscheid nemen van mijn moeder, vader en broer en er werd geen begrafenis voor hen gehouden. Mijn moeder was bang dat we alleen zouden achterblijven (…). Ik wou dat ik met hen was vertrokken.’

  • De geschiedenis van de computerkunst

    De geschiedenis van de computerkunst

    De tentoonstelling Reboot, geïnitieerd door het Nieuwe Instituut en mediakunstplatform LI-MA, neemt je mee op een ontdekkingsreis door de geschiedenis van hoe kunst en technologie elkaar beïnvloeden. Het bevat kunstwerken van bekende namen zoals Edward Ihnatowicz, Dick Raaijmakers, Driessens & Verstappen en Debra Solomon. Daarnaast tonen hedendaagse makers zoals VR-artist Ali Eslami, kunstenaar Jonas Lund en game-ontwerper Play the City hun eigen interpretaties op dit thema.

    Belangrijke onderwerpen die in de expositie naar voren komen zijn identiteit, schoonheid in de digitale wereld, de impact van grote internetbedrijven en hoe mens en machine met elkaar versmelten. Elk kunstwerk geeft een inkijkje in de tijdsgeest waarin het ontstond en laat zien hoe onze kijk op technologie door de jaren heen veranderde. De rode draad in alle werken is de relatie tussen mens, kunst en technologie. 

    Reboot, t/m 1/4, Nieuwe Instituut, Rotterdam

  • Sol LeWitt maakte instructies voor de kunst

    Sol LeWitt maakte instructies voor de kunst

    Sol LeWitt (1928-2007) is een van de grondleggers van de conceptuele kunst. Hij geloofde dat een idee al kunst kon zijn. Zo schreef hij precieze instructies voor 1200 wall drawings. Voor een tentoonstelling in het Joods Museum in Amsterdam zijn de muurschilderingen uitgevoerd door studenten van de Hogeschool voor de Kunsten Utrecht. Na afloop van de expositie worden ze overgeschilderd. Naast deze muurtekeningen zijn er ook sculpturen, werken op papier en archiefmateriaal te zien.

    LeWitt was een zoon van Joodse immigranten uit Rusland. De expositie gaat onder andere in op LeWitts Joodse achtergrond en zijn bijzondere band met Nederland. Zo vond zijn eerste overzichtstentoonstelling in Europa in 1970 plaats in Den Haag en had hij verschillende vrienden in de Nederlandse kunstscene.

    Sol LeWitt, t/m 31/3, Joods Museum, Amsterdam

  • Reddingsplan voor de axolotl

    Reddingsplan voor de axolotl

    Omdat 360 niet alles kan vertalen wat de redactie leest, ziet en hoort, tippen wij voor u enkele interessante artikelen, podcasts, documentaires en fotoreportages die wij deze week tijdens het speuren naar mooie journalistiek zijn tegengekomen.

    Hoe de axolotl voor uitsterven kan worden behoed

    Overal in Mexico-Stad zie je afbeeldingen van axolotls – hun raadselachtige gezichten sieren straatschilderingen, handwerk en onlangs zelfs het biljet van 50 peso, maar in het wild zijn ze nagenoeg uitgestorven. Ze komen voor in het moerasgebied in het zuiden van de stad: Xochimilco. Maar daar staat hun leefgebied onder druk door landbouw, viskweek en toerisme, las redacteur Joep Harmsen in The New York Times.

    Xochimilco ziet er uit als een soort Mexicaans Giethoorn. Boeren hebben daar met vruchtbaar slib verschillende eilandjes gecreëerd waartussen sloten lopen; het voornaamste vervoersmiddel is er dan ook de boot. Maar door de introductie van kunstmest (stikstof) en kweekvissen wordt het voor de axolotl steeds moeilijker om te overleven. Dat er dagelijks drommen toeristen en luidruchtige bootjes met mariachi‘s doorheen varen, is ook niet bevorderlijk voor het voortbestaan van de soort.

    Mexicaanse biologen proberen het schattige dier, dat haast een menselijke gezichtsuitdrukking heeft, nu te redden door in gevangenschap grootgebrachte exemplaren uit te zetten en traditionele landbouwmethodes te promoten die het ideale ecosysteem voor het dier ooit mogelijk hebben gemaakt.

    Bekijk ook deze documentaire van het Mexicaanse Canal Once over Xochimilco:


    Schietpartij Praag door de ogen van een getuige

    Donderdagmiddag werd het centrum van Praag, dat als een van de veiligste steden van Europa beschouwd wordt, getroffen door de dodelijkste aanslag in Tsjechië sinds dat het land een zelfstandige staat is. Redacteur Marc van Rijswijk las vrijdag het relaas van ooggetuige Petr Nedoma, directeur van de Rudolfinum-galerie in het gelijknamige concertgebouw, dat vlak bij de Karelsuniversiteit staat waar de tragedie zich afspeelde.

    Vanaf daar was hij getuige van het vuurgevecht tussen de schutter en de politie, totdat de schutter zijn handen in de lucht stak, zijn wapen wegwierp en uit het zicht verdween. Verdere informatie over de schietpartij won hij in via internet, aangezien hij vanwege het hoge dreigingsniveau het gebouw niet uit mocht en dus geen idee had wat er buiten allemaal gebeurde. Je leest zijn indringende verhaal hier.


    Waarom in Turkije veel woningen uitbundig versierd zijn

    Sehnsucht nach dem Serail, oftewel ‘Verlangen naar het Serail’, is de titel van een fraai, persoonlijk artikel, dat redacteur IJsbrand van Veelen aantrof in de Süddeutsche Zeitung. Het is geschreven door Raphael Geiger, de Turkije-correspondent van die Duitse krant. Hij woont met zijn gezin in Istanboel. ‘Onze woning is klein,’ schrijft hij, ‘maar wat bijzonder is zijn de zichtbare fresco’s, van ongeveer anderhalve eeuw oud. Net zo oud als het huis. In die tijd, toen de Ottomaanse sultan nog regeerde, was het een van de eerste gebouwen in de stad voor meerdere gezinnen. Het werd bewoond door Joden, Armeniërs en Grieken, die net zo goed deel uitmaakten van Constantinopel als de Turken.’

    Zijn eigen woning vormt voor Geiger het startpunt voor een onderzoek naar de huidige liefde in Turkije voor woningen vol klatergoud, in de stijl van de serails, de paleizen van de sultans. Kristallen kroonluchters, marmer en bladgoud zijn niet aan te slepen – of ze nou echt of namaak zijn. Waar komt die hang naar het verleden vandaan?

    Volgens een psycholoog die Geiger spreekt zijn de vrome Turken lange tijd onderdrukt geweest, maar sinds Erdoğan aan de macht is willen ze met hem mee doen, met zijn paleizen vol pracht en praal die teruggrijpen op het verleden. Als je pronkt, aldus de psycholoog, hoor je erbij. Dus domineren meubilair en aankleding de woningen op een overweldigende manier. Meer over deze hang naar het grandioze, op het groteske af, lees je hier.


    Drie verdiepende leestips

    » Le Monde publiceerde deze week een mooi portret van Wael Al-Dahdouh, verslaggever van Al-Jazeera. De krant bestempelt Al-Dahdouh als ‘de stem van de verdoemden van Gaza’. Deze Palestijnse journalist, die twee kinderen en een kleinzoon verloor tijdens de Israëlische aanvallen in Gaza, is de belichaming geworden van de tragedie waaronder zijn volk lijdt.

    » Financial Times schreef een interessante analyse over hoe het migratiedebat in Europa heeft gezorgd voor de opkomst van rechts-radicale partijen in Europa en een steeds strenger migratiebeleid. Was er in 2015-2016 nog een sterke ‘Wir schaffen das’-mentaliteit toen Europa te maken had met grote aantallen asielzoekers door de oorlog in Syrië, nu is dat omgeslagen naar een heel ander sentiment. Frankrijk scherpte afgelopen week zijn migratiebeleid aan en ook de Europese Unie bereikte een akkoord over striktere migratieafspraken.

    » Curt Bloch, een Duitse Jood, maakte een tijdschrift, 95 edities, terwijl hij zich verborgen hield voor de nazi’s op een zolder in Enschede. Zijn satirische magazines zijn nu te bewonderen in het Joods Museum in Berlijn. The New York Times besteedde er deze week uitgebreid aandacht aan.

  • Martin Wong, kunstenaar van de tegencultuur

    Martin Wong, kunstenaar van de tegencultuur

    Het fascinerende oeuvre van de Amerikaans-Chinese kunstenaar Martin Wong is dankzij een samenwerking van Europese musea voor het eerst te zien in al zijn veelvormigheid. Vrijwel alles wat Wong tijdens zijn leven opviel of aanstaarde, inclusief zijn eigen verlangens, legde hij vast in zijn schilderijen. Zo is de titel van de expositie, Malicious Mischief, ontleend aan zijn reeks werken over het racisme en het gevangenissysteem waarmee hij in aanraking kwam via zijn geliefde, de Puerto Ricaanse dichter en acteur Miguel Piñero. Aan de enorme doeken bevolkt door bruine en zwarte mannen, zowel een aanklacht als een verwijzing naar zijn eigen erotische verlangens, is een hele zaal gewijd. 

    Vrijwel in al zijn werk klinkt de stem door van Martin Wong als belangrijke kunstenaar van de tegencultuur

    Wongs werk als nachtportier in New York leverde schitterende en onheilspellende rode luchten op. Daarin valt te zien hoe de kunstenaar met lede ogen naar de oprukkende gentrificatie keek. Vrijwel in al zijn werk klinkt de stem door van Martin Wong als belangrijke kunstenaar van de tegencultuur, vooral als het gaat over de sociale, seksuele en politieke situatie in het Amerika van de jaren zeventig tot en met negentig.

    Zijn werk legde destijds al de tegenstrijdigheden en onzekerheden van identiteit vast en liet zien wat het voor de kunstenaar betekende om kind van immigranten te zijn. Omringd door een cultuur in de Verenigde Staten waarmee hij bekend was, bleef Wong ook altijd een buitenstaander. Erkenning kreeg hij voor het eerst in 2016, van het Bronx Museum in New York. Martin Wong overleed in 1999 op 53-jarige leeftijd aan aids.

    Martin Wong – Malicious Mischief, Stedelijk Museum, Amsterdam, t/m 1/4

  • Geknetter tussen twee uitmuntende actrices

    Geknetter tussen twee uitmuntende actrices

    In May December bereidt de beroemde actrice Elisabeth zich voor op een nieuwe film. Daarvoor moet ze zich inleven in het waargebeurde verhaal van Gracie, die twintig jaar eerder een schandaal veroorzaakte door een relatie aan te gaan met de destijds dertienjarige Joe. Volgens de principes van methodacting besluit Elisabeth het stel op te zoeken en hun wereld grondig op zich in te laten werken.

    ‘De plot lijkt rechtstreeks afkomstig van een wellustige soapserie, maar regisseur Todd Haynes benadert zijn materiaal met een intensiteit die doet denken aan de nauwgezette karakterstudies van Ingmar Bergman’, schrijft Geoffrey Macnab in The Independent. ‘Bovendien zorgt hij ervoor dat hoofdrolspelers Natalie Portman en Julianne Moore uitmuntende vertolkingen neerzetten.’

    ‘Zijn enscenering is vaak heerlijk irritant’ 

    Andreas Köhnemann vindt in Kino-Zeit dat Haynes als een soapregisseur te werk is gegaan: ‘Zijn enscenering is vaak heerlijk irritant, met alle mechanismen van het Hollywood-melodrama, zoals hij ook nadrukkelijk kiest voor een cheesy muzikaal leidmotief. Daarbij lijkt het acteerwerk van Portman en Moore nep en kitsch, zoals alleen mensen die écht talent hebben dat kunnen.’   

    Radhika Seth van Vogue noemt de ‘eigenzinnige karakters van de hoofdrollen cruciaal voor het succes van de film’, maar vindt dat Charles Melton als Joe ‘net zoveel eer toekomt.’ Wat onder een andere regie ‘een grimmig en zwaar drama had kunnen worden, verandert volgens Seth in ‘een lichte, soms echt grappige fabel’, terwijl de ‘manier waarop het drama zich ontvouwt de sfeer oproept van de films van Pedro Almodóvar’.

    ‘Op weg naar het listige einde kabbelt het een beetje’, oordeelt Stephanie Zacharek in Time. Ze kreeg het gevoel dat ‘Haynes twijfelde tussen een cerebraal drama en een zoetsappig, soapachtig, hedendaags verhaal en daarom in het midden is blijven hangen. De film had meer vuur mogen hebben, maar Haynes’ vakmanschap en het geknetter tussen Moore en Portman zijn verleidelijk genoeg.’  

  • Van vluchteling tot burgemeester in Duitsland

    Van vluchteling tot burgemeester in Duitsland

    Omdat 360 niet alles kan vertalen wat de redactie leest, ziet en hoort, tippen wij voor u enkele interessante artikelen, podcasts, documentaires en fotoreportages die wij deze week tijdens het speuren naar mooie journalistiek zijn tegengekomen.

    Ostelsheim koos voor Ryyan Alshebl

    In april van dit jaar koos de gemeente Ostelsheim in de Duitse deelstaat Baden-Württemberg, een stadje met krap 2500 inwoners, de 29-jarige Ryyan Alshebl tot burgemeester, las redacteur IJsbrand van Veelen in Süddeutsche Zeitung. Op zichzelf niet zo bijzonder, want in Duitsland worden burgemeesters sinds 1999 nu eenmaal rechtstreeks gekozen, ware het niet dat Alshebl in Syrië is geboren, slechts acht jaar in Duitsland verblijft – in 2015 vluchtte hij voor de burgeroorlog in Syrië – en pas onlangs het Duitse staatsburgerschap verwierf. Zijn grootste concurrent in de verkiezingscampagne was iemand die al heel lang in Ostelsheim woont, een man van begin veertig en vader van drie kinderen. Veel Ostelsheimers dachten dat een jonge vluchteling die de strijd aanging met iemand uit het dorp geen schijn van kans zou hebben. Ze hadden het dus mis: Alshebl kreeg 55,41 procent van de stemmen.

    Hoe het hem nu vergaat en wat de antwoorden zijn op vragen van veel inwoners – kan je hem een bockwurst aanbieden of een biertje? – lees je allemaal hier in het fraaie portret dat Marius Buhl over Alshebl schreef.


    Menstruatietaboe

    Wanneer je een aflevering van Game of Thrones of 24 Uur Op De Spoedeisende Hulp bekijkt, valt het op dat televisiemakers over het algemeen niet terugdeinzen voor bloederige beelden. Maar er is een opvallende uitzondering: tampon- en maandverbandreclames. Hier wordt vaak gebruikgemaakt van een blauw goedje, in plaats van iets dat op menstruatiebloed lijkt.

    Deze blauwe vloeistof werd niet alleen in reclames, maar ook in de wetenschap gebruikt en leidde tot onjuiste testresultaten. In een artikel in Vox belicht journalist Anna North dat het nog steeds heersende taboe op menstruatie diepgaande gevolgen heeft voor de gezondheid en het welzijn van miljoenen mensen. Er is een klein lichtpuntje: ondanks dat er nog een lange weg is te gaan om ongesteldheid volledig te integreren in medisch onderzoek, groeit het bewustzijn gelukkig met de dag. Een weekendtip van redactiestagiair Sterre Kilsdonk.


    Rusland verzet zich tegen zogenaamd ‘extremisme’

    Enkele weken geleden besloot Rusland de lhbti-beweging als ‘extremistisch’ te brandmerken. Deze term lijkt steeds meer een parapluterm te worden voor alles wat door de overheid als een bedreiging gezien wordt, terwijl het oorspronkelijk in het Latijn niets anders betekende dan iets wat zich aan een uiterste bevindt en buiten de gewone gang van zaken valt. Dat las redacteur Marc van Rijswijk deze week in een opiniestuk van Anna Roze, een Berlijnse journalist die in Duitsland voor Radio Svoboda, de Russische versie van Radio Free Europe/Radio Liberty, actief is.

    Door dezelfde woorden te gebruiken en zich op dezelfde waarden te beroepen als het Westen wil Rusland de bevolking en andere landen voor de gek houden. In werkelijkheid geeft het er echter een totaal andere invulling aan dan westerse landen doen. Het woord ‘extremistisch’ is nu het sleutelwoord geworden om alles wat niet in het straatje van de regering past te verketteren, terwijl het woord oorspronkelijk een neutralere lading had.

    Door valse tegenstellingen te creëren en de lhbti-beweging als een bedreiging af te schilderen, probeert Poetin de Russische bevolking tegen hen op te zetten. ‘Vrijheid – inclusief de vrijheid van zelfexpressie – is de grootste en meest reële vijand van een dictatuur, en dat voelen Poetin en zijn handlangers goed aan’, aldus Roze. Je leest haar interessante analyse hier.


    Drie verdiepende leestips

    » De Franse krant Le Monde publiceerde deze week een interessante reportage over Israëlische ultraorthodoxe joden, charedim, die zich voegen bij het leger. De leden van deze groep weigeren dienstplicht vanwege religieuze redenen, maar sinds de aanslagen van Hamas op Israël sluiten jonge charedim zich vrijwillig aan bij de Israëlische strijdkrachten.

    » De klimaattop in Dubai leek af te stevenen op een onbevredigend akkoord waarin fossiele brandstoffen niet in de ban werden gedaan. Maar op de laatste dag draaiden enkele olieproducerende landen om en kwam het toch tot een verstrekkende overeenkomst. Hoe kon dat gebeuren? The Guardian schreef een sterke reconstructie.

    » Het is een groot probleem voor veel miljoenensteden, vooral die te maken hebben met grote groei: grote aantallen mensen wonen aan de rand van de stad en werken in het centrum. Hoe krijg je ze daar zonder de oneindige files die we bijvoorbeeld kennen van Mexico-Stad? Bogotá heeft het antwoord gevonden: goedkoop openbaar vervoer op grote schaal. De stad heeft geen metro, maar een goedkoop snelbussysteem: TransMilenio. Een mooie longread in The New York Times laat zien hoe goed deze oplossing werkt.

  • Postume erkenning voor Shi Tiesheng

    Postume erkenning voor Shi Tiesheng

    ‘Mijn beroep is ziek zijn, mijn hobby is schrijven’, zou de Chinese auteur Shi Tiesheng (1951-2010) hebben gezegd. Op 21-jarige leeftijd raakte hij verlamd tijdens een ongeluk op het platteland van de Chinese provincie Shaanxi, en hij kreeg bovendien al vroeg last van nierfalen. Volgens Helen Deng, in een necrologie op Shenzhen Daily, is dit mogelijk een van de redenen dat zijn werk zo invloedrijk was: ‘Omdat hij lichamelijk beperkt was en bijna dagelijks met de dreiging van de dood werd geconfronteerd, was zijn perceptie van de wereld zeer spiritueel en zijn kijk op het leven helderder dan die van de meeste gezonde mensen.’

    Anders dan andere Chinese schrijvers uit zijn tijd zou hij niet bezig zijn geweest met lucratief schrijven; zijn boeken zijn ‘het resultaat van lang en diep nadenken’.  Toch kreeg hij volgens velen niet de erkenning die hij verdiende. In een artikel van China Daily wordt ‘Ik en de tempel van de aarde’ (銌与礜坛) uitgeroepen tot een van de beste Chinese essays van de twintigste eeuw. Zijn Notities van een theoreticus (务虚笔记), dat in 1996 uitkwam, werd in een ander China Daily-artikel ‘vergelijkbaar met, maar beter dan Zielenberg (▲秺舝◎, 1989) van Nobelprijswinnaar Gao Xingjian’ genoemd en uitgeroepen tot ‘vergeten klassieker’.  Op 59-jarige leeftijd vond Tiesheng als gevolg van zijn ziekten de dood. ‘Je hoeft de dood niet tegemoet te rennen. De dood is iets wat je niet zult missen, een vakantie die vroeg of laat begint’, citeert Deng.  

  • Lahai is een gevoelvolle mix van neo-soul en R&B

    Lahai is een gevoelvolle mix van neo-soul en R&B

    De Britse singer-songwriter Sampha Lahai Sisay (35), wiens ouders uit Sierra Leone emigreerden, geniet vooral bekendheid als producer van onder meer Drake, Frank Ocean, Kendrick Lamar, Solange Knowles en Kanye West. Als soloartiest won hij in 2017 met zijn debuut Process de Britse Mercury Prize voor het beste album van het jaar. Zes jaar later krijgt Sampha’s tweede plaat Lahai lovende kritieken in de internationale muziekpers.

    ‘Fascinerende crisismuziek’, schrijft Annet Scheffel voor Zeit Online: ‘Dit album is nog ambitieuzer dan zijn debuutplaat. Een sprankelende, eigenzinnige pophybride waarin soul, elektronische muziek, jazz, jungle en West-Afrikaanse folk in elkaar overvloeien.’  De Duitse recensent benadrukt dat ‘existentiële angsten’ ten grondslag liggen aan Sampha’s muziek: ‘Of het nu gaat om de dood van zijn moeder of de geboorte van zijn dochter: het draait om de eeuwige levenscyclus en de crises die je onderweg doormaakt.’  

    Deze plaat is het perfecte voorbeeld van de manier om een crisis te sublimeren

    Nino Ciglio van het Italiaanse muziekmagazine SentireaScoltare gaat daar nog overheen: ‘Deze plaat is het perfecte voorbeeld van de manier om een crisis te sublimeren. Hij laat horen hoe persoonlijk leed magie in zich draagt, waardoor uit elke situatie poëzie wordt geboren.’ Cignio noemt als ‘meest kenmerkende element’ van het album de ‘onuitputtelijke hoeveelheid stemmen. De spanning die daaruit voortkomt is magnifiek en biedt ons een perfecte lens om in Sampha’s besluiteloze, angstige en rusteloze ziel te kijken.’ ‘Dit album is geïnfecteerd door Sampha’s emotionele crisis’, schrijft Alexis Petridis in The Guardian: ‘Hoe mooi de melodieën ook zijn en hoe warm zijn stem ook klinkt, aan het geagiteerde van de zang valt niet te ontkomen.

    Tegelijkertijd wordt de spanning tussen de verschillende tracks effectief opgebouwd en wordt de luisteraar meegevoerd in een periode van twijfel, zorgen en verdriet.’ Cameron Cook schrijft voor Pitchfork over het ‘transcendente en spirituele’ van Sampah’s muziek en tekst: ‘Alsof je luistert naar iemand die zijn eigen, persoonlijke manier van bidden uitvindt.’ Op een paar van de nummers deden de ‘honingzoete synthesizers en schichtige drumbeats’ de criticus denken aan de ‘mystieke R&B van Erykah Badu en aan de popexperimenten van Björk.’ 

  • Waarom Finnen zo gelukkig zijn

    Waarom Finnen zo gelukkig zijn

    Omdat 360 niet alles kan vertalen wat de redactie leest, ziet en hoort, tippen wij voor u enkele interessante artikelen, podcasts, documentaires en fotoreportages die wij deze week tijdens het speuren naar mooie journalistiek zijn tegengekomen.

    In de sauna is iedereen gelijk

    In een mooi artikel in The Guardian werpt auteur Miranda Bryant licht op de intrigerende saunacultuur in Finland, die diep geworteld is in het dagelijks leven en bijdraagt aan het geluk van het land. Bryant verkent de rol van openbare sauna’s in steden als Tampere en Helsinki, waar ze niet alleen dienen als fysieke ontspanningsruimtes, maar ook als sociale ontmoetingsplaatsen en toevluchtsoorden om te reflecteren op het leven. Een aanrader van redacteur Joep Harmsen.

    Het concept van löyly, de intense hitte in de sauna, beschrijft Bryant als een spirituele ervaring die de Finse sauna-ervaring uniek maakt. Een van de geheimen achter het hoge geluksniveau in Finland is misschien wel dat in Finse sauna’s verschillende leeftijden en achtergronden samenkomen, en letterlijk al hun verschillen afwerpen en een handdoekje omslaan.


    In de steek gelaten

    France, France Brel. Zo moest ze heten, besloot haar vader, de Belg Jacques Brel (1929-1978), een van de grootste Franstalige zangers van de de twintigste eeuw. Het was juni 1953 en Brel was op weg van Brussel naar Parijs om de eerste grote stappen te zetten op weg naar stardom. In afwachting van Brels vertrekkende trein wierp de hoogzwangere Thérèse, zijn vrouw, op het perron nog tegen dat ze toch Marianne hadden afgesproken? Brel dacht even na en zei toen: Nee, France. Veel beter. Dat brengt geluk. Want daar in Frankrijk ligt mijn toekomst.

    Op 12 juli 1953 werd zijn tweede dochter geboren: France Brel. De grootste triomf van haar vader, het hartverscheurende Ne me quitte pas uit 1959, zou voor haar altijd een bittere nasmaak houden, want Brel liet zelf nogal wat naasten in de steek, of liet ze op z’n minst wachten, zoals ook zijn dochter France. Toch beheert zij met verve sinds jaar en dag de nalatenschap van haar vader als directeur van de Fondation Jacques Brel. Dit jaar verscheen, nadat ze al eerder twee boeken over hem publiceerde, het eerste deel van de biografische reeks Chronique d’une vie over haar vader. Vanwaar die passie voor een vader die haar eigenlijk in de steek liet? Dat wilde Süddeutsche Zeitung weten, las redacteur IJsbrand van Veelen in deze onvolprezen Duitse krant. De antwoorden op die vraag lees je hier.


    Drie verdiepende leestips

    » De Europese tak van Politico onthult in een reconstructie de inspanningen van rechtse krachten om de Europese Green Deal te ondermijnen. De politieke nieuwssite zoomt in op parlementariër Sarah Wiener van de Oostenrijkse Groenen. Onder zware druk van lobbyisten en desinformatiecampagnes besluit zij te stemmen voor versoepeling van regelingen uit de Green Deal.

    » Het zal weinigen zijn ontgaan: De Amerikaanse diplomaat Henry Kissinger overleed onlangs op honderdjarige leeftijd. Vele regeringsleiders, zoals Mark Rutte, spraken vol lof over de inspanningen van Kissinger op het internationale toneel, maar veel mensen in Latijns-Amerika en Azië hebben toch een ander beeld van de voormalig Amerikaans minister van Buitenlandse zaken. Dat schrijft ook de Chileense schrijver Ariel Dorfman in El País. Kissinger was de drijvende kracht achter de militaire staatsgreep van Pinochet in Dorfmans vaderland.

    » New Statesman interviewde Booker Prize-winnaar Paul Lynch. De Ier verzet zich tegen de typering van zijn roman Prophet Song als ‘politiek’. In zijn roman is Ierland ten prooi gevallen aan het fascisme en breekt er een burgeroorlog uit.

  • Goodbye Julia belicht verdeeldheid in Soedan

    Goodbye Julia belicht verdeeldheid in Soedan

    Regisseur Mohamed Kordofani zegde in 2019, op 39-jarige leeftijd, zijn baan als luchtvaartingenieur in Bahrein op om zich in zijn geboorteland Soedan op de film te richten. Een makkelijke periode om te filmen was het niet, vertelt hij aan Courrier International. In april 2023 brak er een burgeroorlog uit, en ook filmlocaties hadden daaronder te lijden.

    Het idee voor Goodbye Julia, aldus Kordofani, ontstond na het referendum in 2005, waarbij Zuid-Soedanezen mochten beslissen of ze al dan niet bij het noorden van het land wilden blijven horen. ‘We wisten allemaal dat de scheiding zou plaatsvinden, maar dat dit met 99 procent van de stemmen zou gebeuren is krankzinnig. (…) Ik besefte dat Zuid-Soedanezen werden behandeld als tweederangsburgers, en dat het probleem ons racisme was, niet de politiek. Ook besefte ik dat ik bijna geen Zuid-Soedanezen kende, hoewel er in Khartoem, waar ik ben opgegroeid, heel veel woonden.’

    ‘Er zijn geen goeieriken of slechteriken, alleen mensen die soms slechte dingen doen, net als in mijn eigen familie’

    Het verhaal gaat over twee vrouwen: Julia (Siran Riak), een christelijke vrouw uit het zuiden van het land die opgroeide in Khartoem, en Mona (Eiman Yousif), een rijke vrouw uit de Arabische meerderheid in het noorden. Kordofani wilde nadrukkelijk empathie overbrengen voor al zijn personages: ‘Er zijn geen goeieriken of slechteriken, alleen mensen die soms slechte dingen doen, net als in mijn eigen familie.’

    Variety spreekt van een ‘intelligent en meelevend script’, waarin het politieke nooit het persoonlijke overstemt. Volgens de Spaanse filmsite La Estatuilla slaagt Kordofani erin driedimensionale karakters te creëren en ideeën over racisme, slavernij, schuldgevoel en moederschap met elkaar te verweven. Flickering Myth typeert de film als ‘een hartverscheurend, emotioneel uitputtend verhaal over schuldgevoelens’. 

    Maar volgens sommige recensenten ligt de nadruk toch te veel op die politieke kant

    Maar volgens sommige recensenten ligt de nadruk toch te veel op die politieke kant. ‘De openingsscènes in Khartoem zijn gefilmd als een tikkende tijdbom, maar in de loop van het tweede en derde bedrijf neemt de spanning af en betreedt Kordofani bekend terrein’, schrijft bijvoorbeeld CairoScene. Volgens het Spaanse Caimán Cuadernos de Cine ‘kiest Kordofani voor een enscenering die even functioneel als overdreven correct is en de symbolische kracht van zijn personages bevordert’. (Op de vraag van CI hoe hij zijn Zuid-Soedanese karakters heeft vormgegeven antwoordt Kordofani dat hij veel video’s van Zuid-Soedanezen heeft bekeken.)

    Screen International verzucht dat dit verhaal over religieuze vervolging en diepgeworteld racisme zich dan misschien afspeelt in Soedan tussen 2005 en 2010, maar ‘zeer relevant en helaas tijdloos’ aanvoelt.  

  • Gerechtigheid voor kunstenaar C.F. Hill

    Gerechtigheid voor kunstenaar C.F. Hill

    De Deens-Israëlische kunstenaar Tal R (56) koos samen met zijn Zweedse collega Mamma Andersson (61) tekeningen uit van de ‘getroebleerde’ Zweedse kunstenaar C.F. Hill (1849-1911), door wie beiden zich lieten inspireren. 

    Toen het enthousiasme over Hills landschappen niet alleen in Zweden maar tot zijn verbazing ook in Parijs uitbleef, en andere pogingen om alsnog een groot schilder te worden ook strandden, kreeg de Zweed een psychose en werd hij opgesloten in een psychiatrische kliniek in Kopenhagen, waar ook Edvard Munch terechtkwam na een zenuwinzinking. 

    Had hij maar geweten dat zijn vrije verbeelding, zijn innerlijke reizen en seksuele frustraties in ieder geval twee kunstenaars zodanig hebben beïnvloed, dat zijn werk lang na zijn dood in verschillende Europese steden te zien is.

    Tal R & Mamma Andersson | Rondom Hill, Museum More, Gorssel, t/m 25/2

  • In Dalles is JFK nog springlevend

    In Dalles is JFK nog springlevend

    Omdat 360 niet alles kan vertalen wat de redactie leest, ziet en hoort, tippen wij voor u enkele interessante artikelen, podcasts, documentaires en fotoreportages die wij deze week tijdens het speuren naar mooie journalistiek zijn tegengekomen.

    De mythe van JFK

    Vorige week, op 22 november, was het zestig jaar geleden dat John F. Kennedy in Dallas werd vermoord. De moord zond een schokgolf door de wereld. Die is op de meeste plekken weggeëbd maar trilt in de Verenigde Staten nog altijd na, zoals Phil Tinline laat zien in The New Statesman: ‘Onlangs liep ik op een middag over Elm Street die door Dealey Plaza loopt, van de oude Texas School Book Depository naar de onderdoorgang, langs drie guided tours, en daar, midden op de weg, zag ik een geschilderde X. Dit is waar de presidentiële limousine [van JFK] op het fatale moment werd geraakt, althans volgens degene die het kruis op het asfalt heeft geklad. Voor sommigen markeert die X de plek op een schatkaart waar een duister geheim wordt onthuld. Voor anderen is het meer een kruis: de heilige plek waar de redder van de Verenigde Staten op wrede wijze werd neergemaaid.’

    Die twee visies komen terug in de titel van zijn boeiende artikel JFK and the myth of the great martyr-saviour, aldus redacteur IJsbrand van Veelen. ‘Beide verhalen houden stand’, schrijft Tinline, ‘omdat ze allebei een hardnekkig geloof weergeven over hoe macht werkt in Amerika. Heimelijke krachten spannen samen om de touwtjes in handen te houden; heldhaftige leiders kunnen ons redden.’ Martelaar of redder, dat is de mythe die over JFK is ontstaan. Onterecht, vindt Tinline. Wat in ieder geval wel duidelijk is, schrijft hij, is dat ‘the age of American conspiracy’ is begonnen met de moord op JFK. Meer daarover lees je hier in zijn artikel.


    We leven in passief agressieve tijden

    ‘Passieve agressie (…) is een bepalend symptoom van de moderne wereld geworden’, las redacteur Joep Harmsen in een essay van psychoanalist Josh Cohen in 1843 Magazine. ‘Passieve agressie is de heimelijke, indirecte en vaak verraderlijke manier waarop we antagonisme of onenigheid tot uitdrukking brengen, terwijl we ervoor zorgen dat dergelijke bedoelingen aannemelijk kunnen worden ontkend’, definieert Cohen het gedrag. Het veilig aan passief agressieve uitspraken is dat ze altijd weer te ontkennen zijn: ‘nee zo bedoelde ik het niet’.

    Maar het gevaar is dat we niet meer openlijk zeggen wat we denken, maar ons verschuilen achter verhulde opmerkingen als ‘het zou fijn zijn als iedereen zorgt dat het hier schoon blijft’ in plaats van iemand direct aanspreken dat hij er een troep van maakt. Maar openlijke agressie is ook niet altijd te verkiezen, schrijft Cohen. Hoe kunnen we dan wel iemand confronteren en sterke en gevoelens uiten zonder in agressie vervallen? Het antwoord daarop lees je hier.


    Drie verdiepende leestips

    » The Guardian publiceerde deze week een lezenswaardig portret van de eigenzinnige ‘alienjager’ Avi Loeb. Avi Loeb is als astrofysicus verbonden aan Harvard, een van de meest prestigieuze universiteiten ter wereld, en wijdt zijn leven aan het vinden van bewijs voor de aanwezigheid van buitenlands leven op aarde. Daniel Lavelle van de Britse krant bezocht hem en probeerde te achterhalen wat Loeb drijft om te zoeken naar buitenaards leven, ook al wordt hij vaak weggezet als fantast.

    » Toen Europa in 2015 kampte met hoge aantallen vluchtelingen door de oorlog in Syrië en andere conflicten in de wereld, sloot de EU een pact met het Afrikaanse land Niger. Niger, van oudsher een land dat zich op een kruispunt van migratieroutes bevond, zou doorreizigers uit Sub-Saharaanse Afrika tegenhouden in ruil voor geldsteun. Die antimigratiewet had rampzalige gevolgen voor het land, toont Al Jazeera: de lokale economie die afhankelijk was van migranten stortte in. Ook was de wet niet effectief: het maakte migratie vanuit zuidelijk Afrika naar Noord-Afrika en Europa alleen maar duurder en vooral dodelijker.

    » In een piepklein kantoor in de Amerikaanse hoofdstad Washington zetelt de de alternatieve regering van Myanmar. Sinds de militairen een staatsgreep pleegden in 2021 zijn de democraten het land ontvlucht en proberen ze vanuit de VS politieke steun te vergaren voor hun strijd tegen de dictatuur. The New York Times ging langs bij het hoofdkantoor.