‘Je probeert wanhopig mijn werk te intellectualiseren,’ zegt Leonora Carrington op haar 94ste tegen haar nicht die toevallig ontdekte familielid te zijn van de beroemde kunstenares, ‘and you are waisting your time.’
In het Deense Museum Arken is een retrospectief te zien van het letterlijk fantastische werk van de van oorsprong Britse Leonora Carrington, die op jonge leeftijd haar Anglo-Ierse milieu verruilde voor de armen van de surrealistische kunst, en die van Max Ernst. Ze woonde eerst in Parijs, maar vertrok noodgedwongen naar Madrid toen de oorlog uitbrak en Ernst werd geïnterneerd. Uiteindelijk kwam ze dankzij zakenman Renato Leduc in Mexico terecht, waar ze de rest van haar leven doorbracht. Haar vader, een textielfabrikant uit Lancashire die haar als twintiger liet opnemen in een psychiatrische inrichting, zag ze nooit meer terug. ‘Ik was veel banger voor mijn vader dan voor Hitler,’ beweerde ze. Door shocktherapie met cardiazol-injecties kreeg Leonora angstaanjagende visioenen die haar innerlijke visuele wereld mede gevormd hebben.
De meest extravagante wezens komen voorbij in haar werk. Vaak is het onderscheid tussen mens en dier of tussen dier en machine ver te zoeken, maar haar kundige hand trekt de belangstellende moeiteloos het oneindig diepe doek in. Vrouwen – voor wie ze haar talent activistisch inzette in Mexico – moesten niet alleen hun burgerrechten claimen, maar ook hun recht op mysterie en verwantschap met de natuur.
Leonora Carrington, Museum Arken, Denemarken, te zien tot 15/01/23
Iedereen die de Star Wars-films heeft gezien, is bekend met het jazz-deuntje dat wordt gespeeld in de bar waar Luke Skywalker belandt met Han Solo. Dat het nog altijd tijdloos is, blijkt wel uit het feit dat de grootste artiesten ter wereld het deuntje gebruiken als uitgangspunt bij hun nieuwe muziek.
In A New Hope (1977), de eerste film in de Star Wars-saga, stopt de jonge Luke Skywalker, gespeeld door Mark Hamill, in Chalmun’s Cantina, een bar op de planeet Tatooine die dient als schuilplaats voor smokkelaars en premiejagers. De grimmige sfeer wordt er opgefleurd door de jazznoten van Modal Nodes, een formatie bestaande uit wezens met gitzwarte ogen en uitstekende schedels, die eruitzien als gigantische kreeften.
Dat de muziek zoals bedoeld toekomstbestendig was, blijkt wel uit het feit dat deze tegenwoordig verschillende muzikanten inspireert; The Guardian noemt Coldplay en Animal Collective, en ook Björk, die zelf vaak niet alleen als geniaal maar ook als buitenaards wordt getypeerd, zou met haar net uitgebrachte album Fossora iets hebben willen maken dat even ‘jazzy en futuristisch’ was als dat van de Cantinaband, aldus musicus Atli Finnsson, die eraan meewerkte.
Finnsson is nog geen dertig en ontdekte Modal Nodes toen hij met Lego Star Wars speelde. Het doel van Björks band, licht hij toe, is ‘om muziek te maken voor een andere plek. Ons een plek voor te stellen waar muziek als die van ons zou klinken. En daarvoor is Star Wars een goed uitgangspunt’, citeert de site MusicTech. Coldplay-zanger Chris Martin vroeg zich bij het opnieuw bekijken van de Cantinascène af ‘hoe musici in de rest van het universum zouden klinken’, schrijft het Zweedse Aftonbladet, een vraag die de basis vormde van zijn album Music of the Spheres (2021).
Hij is niet de eerste die ‘een kleine Picasso’ wordt genoemd, zoals The Times de elfjarige Andrés Valencia omschrijft. Zo ging onder andere Mikail Akar hem voor (zie 360#173), wiens werken al op zijn zevende voor duizenden euro’s werden verkocht. Andere voorbeelden zijn Lola June, Alexandra Nechita en Marla Olmstead (mogelijk bijgestaan door haar vader), die respectievelijk op hun tweede, twaalfde en vierde al kunst aan de man brachten. ‘Minderjarige kunstenaars zijn zeldzaam, maar ze bestaan,’ concludeert The New York Times. Valencia zit inmiddels op bedragen van vijf nullen.
Volgens het New Yorkse dagblad heeft Valencia zijn vroege succes vooral te danken aan de mensen om hem heen en aan de zelfgenoegzaamheid van de kunstwereld, hoewel de elfjarige zelf ook een uitstekend zakenman bleek te zijn; bij een vaste koper verhoogde hij zijn prijs in één keer van 100 tot 5000 dollar. Met succes.
Het resultaat, The Commander, is volgens het Amerikaanse zakentijdschrift ‘een moderne Guernica’
Inmiddels wordt zijn werk volop verzameld, ook al waarschuwen galeriehouders, citeert Art Daily, dat ‘kunstenaars ontwikkelingen doormaken, en tienjarige kunstenaars al helemaal’; de waarde zou kunnen veranderen.
Valencia lijkt zelf goed na te denken over wat hij doet, en waarom. ‘Ik denk dat kunst is bedoeld om verhalen te vertellen,’ zei hij tegen Forbes. Zo liet hij zich onlangs inspireren tot ‘het verhaal van het Oekraïense volk en wat Rusland hen aandoet. (…) een verhaal dat niet vergeten mag worden.’ Het resultaat, The Commander, is volgens het Amerikaanse zakentijdschrift ‘een moderne Guernica’.
Dezelfde carte blanche gaf het Parijse Palais de Tokyo haar, waar ze de ruimtes vulde met performance, opera, film, schilderijen, tekeningen en muziek, van haarzelf en van bewonderde kunstenaars. Anne Imhof wordt gezien als dé artistieke stem van een nieuwe generatie.
Voor het Stedelijk trekt de Duitse kunstenaar eveneens alle registers open. Dat, samen met een speciaal voor deze gelegenheid gemaakte soundtrack, zal vast en zeker een desoriënterende, dystopische wereld opleveren. Een donkere onderwereld zelfs, schrijft het museum. Of meer nog ‘een complex labyrint van kledinglockers die we kennen van de middelbare school, en die verwijzen naar een gevoel van angst en body dysmorphia’. In Youth stelt Imhof de emotionele dynamiek van de jeugd aan de orde, die worstelt met hebzucht en de angst om iets te missen.
Youth is te zien in het Stedelijk Museum Amsterdam, t/m 29/1/2023
De Royal Academy nodigt ons uit om de wereld van de multisensoriële kunstenaar William Kentridge te betreden, de ‘global creative powerhouse’ uit Zuid-Afrika. Dat doen we graag, want elke wereld die hij tot nog toe heeft gecreëerd is de moeite van het immersieve bijwonen dubbel en dwars waard.
De in Johannesburg geboren kunstenaar ontwikkelde zijn vroege werk tijdens het apartheidsregime van de jaren tachtig. Zijn grootschalige producties met animaties, etsen, tekeningen, collages, films, beeldhouwkunst, theater, opera, dans en muziek reizen sindsdien de wereld rond. Nog niet eerder vertoond zijn de vier meter brede wandtapijten, die hij speciaal voor de gelegenheid maakte. Kijk hoe typemachines in bomen veranderen, een opgejaagde neushoorn een salto maakt met een megafoon en een cafetière in de diepte van een goudmijn boort.
Te zien in Royal Academy of Arts, Londen, t/m 11 december.
Groots en meeslepend: die twee woorden zijn helemaal van toepassing op het werk van de Britse kunstenaar Tacita Dean. Door verschillende media te gebruiken – fotografie en film, maar ook tekeningen – komt ze telkens uit bij een zekere vorm van schoonheid die vaak in het drama schuilt.
De nieuwe solotentoonstelling in Luxemburg toont nieuw en recent werk van Dean, waaronder films, tekeningen en foto’s op groot formaat. De tentoonstelling is opgebouwd rond twee recente projecten: een trilogie van werken ontworpen voor The Dante Project (2021, een ballet geïnspireerd op The Divine Comedy) en One Hundred and Fifty Years of Painting’ (2021), een op 16 mm gefilmd gesprek tussen kunstenaars Luchita Hurtado (Venezuela) en Julie Mehretu (Ethiopië). Haar benadering tot een onderwerp is vaak nostalgisch, eerder abstract dan documentair. Historische foto’s vult ze aan met eigen tekeningen en zo herschept ze fictieve verledens. Een vijfdelig fotowerk van een rotslandschap kreeg een zware wolkenlucht en mythologische namen in de kantlijn.
Haar idee om een beeld te maken tussen negatief en positief in typeert haar manier van werken misschien nog het best. De met een analoge camera gefotografeerde jacarandabomen krijgen door het negatief om te zetten naar positief eenzelfde vreemdheid als haar 16mm-films. Alleen al omdat de paarse bloemen buitenaards groen zijn geworden.
Tacita Dean is te zien t/m 5 februari 2023 in Mudam, Luxemburg
Het enige vrouwenbuitenbad van Duitsland vertoont zulke grote parallellen met de westerse samenleving – onder andere op het gebied van competitie (om een plekje in de zon) en beperkingen (individuele mogelijkheden om je uit te drukken) – dat Doris Dörrie besloot er een film van te maken: Freibad. Een groep vrouwen ruziet om wat je eet (lams- of varkensworstjes), wat je draagt (een bi- of burkini) en wie het voor het zeggen heeft. Hoewel de Duitse filmregisseur het gegeven (samen met Karin Kaçi en Madeleine Fricke) tot een komedie bewerkte, zijn alle personages liefdevol neergezet, schrijft Susan Vahabzadehin Süddeutsche Zeitung: ‘De coole Steffi met haar Zwitserduits, Eva die ooit een seksbom was en worstelt met oud worden, de schattige mollige Paula die eindelijk van iemand te horen krijgt dat ze prachtig is, maar helaas in het Arabisch, wat ze niet verstaat. Geen van deze vrouwen is slecht – soms zijn ze ondeugend.’
‘Een vermakelijke, doordachte, maar niet al te diepgaande film’
Hoewel de recensent zich afvraagt of het gegeven genoeg was voor een film, had deze volgens Vahabzadeh door niemand anders gemaakt kunnen worden: ‘Dörrie heeft een heerlijk onbevooroordeelde kijk op haar medemens, liefdevol maar niet blind voor hun fouten.’ Het resultaat: ‘Een vermakelijke, doordachte, maar niet al te diepgaande film.’
Dat Dörrie de juiste persoon was, wordt door Frankfurter Allgemeine Zeitung volmondig beaamd: ‘Er is geen andere filmmaker in Duitsland die zo gekwalificeerd is (…) om zo’n gevoelig onderwerp aan te pakken. Ze observeert al bijna vijftig jaar de gebruiken in het land, is intercultureel competent (getuige Happy Birthday, Türke! en Kirschblüten & Dämonen [Kersenbloesem & demonen]) en kent alle tussenvormen tussen komedie en drama. De film Freibad is zeker geen “coma” (comedy-drama), maar gewoon een serieuzere poging om de spanningen die in multiculturele samenlevingen ontstaan op een luchtige manier te behandelen.’
Wat gebeurt er als mensen die moeite hebben om verbinding en betekenis in hun leven te vinden, deze proberen te bereiken door een soort show op te voeren? Dat is volgens Naomi Fry vanThe New Yorkerde centrale vraag in The Rehearsal, waarin de Canadese acteur Nathan Fielder schittert als regisseur van ‘repetities’: uitvoerig geënsceneerde scenario’s die delen van het leven van gewone mensen nabootsen met het doel hen voor te bereiden op een groot moment in hun leven. De humor die het andere werk van Fielder kenmerkt, is hierbij sluimerend aanwezig. ‘Het ethische ongemak dat voortkomt uit het feit dat je er niet achter kunt komen wat Nathan van plan is, is geen bijproduct van de show – het is de kern,’ schrijft Sam Adams voor Slate.
Als invloeden voor de serie noemt Fry Charlie Kaufman (van o.a. Being John Malkovich), Sacha Baron Cohen, het ‘docu-naïf-style oeuvre’ van Louis Theroux en Nick Broomfield, maar ook Big Brother en de recente documentaire Tiger King: ‘Al deze werken zijn, op hun slechtst, afstandelijk voyeuristisch en brengen niet alleen hun makers, maar ook hun kijkers in verlegenheid.’ Zoals Noelia Fariña van El Paíshet beschrijft: ‘Deze serie is (…) verontrustend en triggert onze hersenen: van het ene op het andere moment verandert onze lach in een grimas, krimpen we na een aangename zucht ineen.’
‘Amper vijf minuten na de eerste aflevering wilde ik mijn laptop door de kamer smijten of Nathan Fielder er gewoon af gooien’
En dat valt niet bij iedereen in de smaak. ‘Amper vijf minuten na de eerste aflevering wilde ik mijn laptop door de kamer smijten of Nathan Fielder er gewoon af gooien,’ schrijft Richard Brody in een andere recensie in The New Yorker. Hij bestempelt Fielder met zijn ‘roekeloze’ verraad als ‘wreed en arrogant’ en hoopt, vergeefs, steeds dat degenen met wie hij de rehearsals uitvoert, hun deelname zullen beëindigen. Fielder ‘toont geen enkele interesse in wat [zijn slachtoffers] denken na te zijn bedrogen door de man aan wie [ze] (zoals Fielder in de voice-over zegt) [hun] leven hebben toevertrouwd.’
En Brody is niet de enige die er zo over denkt. John Doyle stelt in The Globe and Mail vast dat Fielder geen enkele empathie toont met degenen die hij zogenaamd probeert te helpen, en Daniel D’Addario vanVariety vindt dat het isolement dat Fielder met zijn show probeert te doorbreken, juist wordt uitvergroot doordat zijn project uiteindelijk ‘een steeds minder leuke grap blijkt te zijn’.
De vraag is of Brody hem echt van zijn laptop heeft gegooid. ‘Hoewel je niet helemaal begrijpt waarnaar je kijkt,’ schrijft Shirley Li in The Atlantic, ‘is wat je ziet zo vreemd verslavend dat je niet anders kunt dan blijven kijken.’
Het Wereldmuseum in Rotterdam viert de bijzondere kracht en vele symbolische betekenissen die haar toegeschreven heeft gekregen, van schoonheidsideaal tot politiek instrument. Haar kan zelfs een bijdrage leveren aan een duurzame wereld. Bijvoorbeeld als spons bij een olielek.
InHair Power zet het Wereldmuseum verhalen van mensen en hun haar in de spotlight met hedendaagse en historische objecten, kunst, design en film. Met bijdragen van diverse kunstenaars. Verschillende kapsels, versieringen, pruiken en extensions zijn een vorm van communicatie. Met talloze onderliggende boodschappen.
Hair Power is tot en met 08/05/2023 te zien in het Wereldmuseum, Rotterdam
De eerste keer dat Nancy Hollander Mohamadou Ould Slahi ontmoette herinnert ze zich nog goed. Ze herinnert zich alles van het eiland waarop de Amerikaanse marinebasis Guantánamo is gevestigd nog goed. Het hotel, dat gaandeweg comfortabeler werd en 15 dollar per nacht vroeg in plaats van 12 dollar, de weinige eetgelegenheden (een Subway en een McDonald’s), de dumpstores en andere winkels voor basisvoorzieningen. De reis erheen: het piepkleine vliegtuig, waarin je werd aangewezen aan welke kant je moest zitten om het gewicht goed te verdelen, maar dat dwars door alle weersomstandigheden heen twee keer per week naar het eiland toe vloog. Als je naar Guantánamo bezocht, verbleef je er dus sowieso vier dagen.
De toestemming voor dit bezoek kreeg Hollander niet meteen. Nadat een collega van haar door Slahi’s moeder was benaderd, vanwege het vermoeden dat haar zoon op het eiland werd vastgehouden, duurde het ongeveer een maand totdat het lukte dit te bevestigen. Slahi zelf mocht niet om een advocaat verzoeken. En ook nadat zijn aanwezigheid bevestigd was, werd er in principe alles aan gedaan om advocaten van het eiland te weren.
Ook Slahi herinnert zich het moment nog goed, dat hij dacht over hoe vreemd zijn verschijning moest overkomen toen hij opstond van achter de tafel, aangezien hij net als alle gevangenen in Guantánamo Bay zo was geketend dat het onmogelijk was rechtop te lopen. De gedachte hierachter was dat gevangenen altijd ineengevouwen moesten zitten en lopen zodat ze zich bewust zouden blijven van hun onderdrukte positie.
Het waren intensieve dagen, vertelt Hollander. Je ging ’s ochtends het gebouw in, en hoewel de meesten het verlieten voor de lunch, nam zij lunch en thee mee voor twee en bleef ze er tot einde middag.
Normaal breng je als advocaat om de paar weken of maanden een uur met je cliënt door, vertelt ze, maar zij en Slahi spendeerde vele uren en zelfs meerdere dagen achter elkaar samen. Ze praatten, niet alleen over de zaak maar over familie, over ideeën, ‘over alles’. Zo nu en dan keken ze samen tv. Wanneer ze de gevangenis betrad, ging ze door een poort met daarop de tekst ‘Honor bound to defend freedom’, die haar, net als Slahi, deed denken aan het ‘Ons dien met trots op het Robbeneiland’, waar Nelson Mandela achttien jaar gevangenzat, een plek die Slahi en Hollander na zijn vrijlating samen bezochten.
Aanvankelijk werkte Hollander samen met Sylvia Royce aan de zaak, maar Royce trok zich onverwacht terug. Over de redenen lijken Hollander en Slahi niet veel te kunnen zeggen, maar beiden hebben nog altijd contact met haar. ‘Het ging niet zoals in de film,’ licht Hollander toe; in de filmbewerking van Slahi’s dagboek, The Mauritian, van Kevin Macdonald, gaat Royce alleen mee omdat ze Frans spreekt en als tolk moet dienen.
Hollander legt uit dat de zaken voor veel advocaten in Guatánamo moeilijk vol te houden waren, vanwege een overheersend gevoel van zinloosheid. Zelfs Slahi raadde haar regelmatig aan te stoppen, omdat hij niet wilde dat ze eraan onderdoor zou gaan. Zij zette door omdat ze het ‘moest proberen’, zonder enig idee te hebben of het haar ging lukken. Maar het was de moeilijkste zaak die ze ooit heeft gehad.
Ze was ook een van de eersten die Slahi’s getuigenissen las, die mensenrechtenadvocaat en auteur Larry Siems later bewerkte tot Guantánamo Diary. Vanaf het moment dat hij een advocaat kreeg toegewezen, mocht Slahi gebruikmaken van pen en papier, dat hij voor die tijd stiekem bemachtigde. Hij schreef alles in één stroom op, in een mengeling van Arabisch, Frans, Duits en een beetje Engels, wat resulteerde in een getuigenis van 160 pagina’s. Aanvankelijk mocht Hollander de papieren niet meenemen uit de kamer waar ze bewaard werden, maar na enkele maanden kreeg ze zijn hele verhaal te lezen.
Op de vraag of wat ze las haar vertrouwen in het Amerikaanse rechtssysteem heeft ondermijnd, antwoordt Hollander ontkennend. Ze had er al geen vertrouwen in. Het was dan ook nooit haar bedoeling geweest om advocaat te worden, maar bepaalde keuzes binnen haar studie leidde haar in die richting en binnen de rechten vond ze de functie van strafrechtadvocaat de enige waarmee ze verschil kon maken.
De gang van zaken in Guantánamo in het algemeen en Slahi’s zaak in het bijzonder bevestigde vooral hoe irrationeel het systeem in elkaar zit. Er lijkt simpelweg niet over te zijn nagedacht, benadrukt Hollander. De initiatiefnemers – Hollander noemt in het bijzonder Alberto Gonzales, raadsman van het Witte Huis, en voormalig vicepresident Dick Cheney – ‘Bush was vooral een meeloper’ – bedachten simpelweg een plan om degenen die voor hen het gevaar voor Amerika symboliseerden weg te zetten. Ze hadden niet gedacht dat ooit een advocaat voet op het eiland zou zetten en dachten dat ze boven de wet konden opereren.
Er zitten nog steeds zesendertig mensen vast in Guantánamo Bay
En nog altijd slagen ze daar tot op zekere hoogte in: er zitten nog steeds zesendertig mensen vast, waarvan twintig, net als Slahi al tien jaar voor zijn vrijlating, ‘bijna vrij’ zijn. Een van deze gevangenen wordt momenteel door haar vertegenwoordigd, maar dat gaat om een heel andere zaak, vertelt Hollander, waarvoor ze het eiland niet hoeft te bezoeken. En dat is ze dan ook ‘nooit meer’ van plan.
We vragen Hollander of ze, net als Jodie Foster die haar speelt in de film, heeft getwijfeld aan Slahi’s onschuld. ‘Dat maakt haar niet uit,’ antwoordt Holllander in eerste instantie ontwijkend. Het is niet belangrijk of hij onschuldig is. Hij zit ten onrechte gevangen, daar ging het haar om. Iedereen, of hij schuldig is of niet, moet altijd recht hebben op een advocaat en op een eerlijk proces, dat is waar het om gaat.
‘De echte Hollander is wel veel liever dan hoe Foster haar speelt’
Bovendien is het in eerste instantie niet de vraag of een advocaat haar cliënt vertrouwt. Het gaat erom of de cliënt de advocaat vertrouwt. Het is haar taak dat vertrouwen te schenken, de ruimte te geven, duidelijk te maken dat ze niet zal oordelen. ‘Niks van wat je me gaat vertellen heb ik niet gehoord,’ geeft ze daarom altijd aan haar cliënten mee. In het geval van Slahi was de situatie omgekeerd. Hollander ontdekte dat zij degene was die Slahi moest leren vertrouwen, en kwam er gaandeweg achter dat er simpelweg niets op te biechten viel. Vanaf het begin had hij haar de waarheid verteld.
Vindt Hollander dat ze door Foster goed vertegenwoordigd is in de film? Ze zegt dat ze blij was met het resultaat, en enthousiast is over de film en het acteerwerk. ‘Maar de echte Hollander is wel veel liever dan hoe Foster haar speelt.’
Interview door Laura Weeda en Maud Wiersma
Kijk hier de avond in De Balie terug met Hollander en Slahi.
Kijk hier het gesprek in De Balie terug tussen Slahi en Larry Siems en hier de avond met Slahi en Kevin Macdonald.
Hier leest u het opmerkelijke en door de Press Prize bekroonde verhaal terug over Slahi en zijn folteraar mister X.
De IJslandse kunstenaar Ragnar Kjartansson (1976) maakt van alles: video-installaties, schilderijen, keramiek en muziek. In zijn eerste tentoonstelling in Nederland komt alles aan bod. O ja, en hij staat ook bekend om zijn performances, Woman in E-Mineur (2016) bijvoorbeeld en de serie The End – Venezia: Kjartansson maakte in 2009 144 schilderijen tijdens de Biënnale van Venetië.
De videoregistratie van No Tomorrow (2017-2022), een ballet voor acht dansers met acht gitaren – in samenwerking met choreografe Margrét Bjarnadóttir en songwriter Bryce Dessner –, wordt op zes schermen vertoond in De Pont. Speciaal voor deze show maakte hij de installatie Fear & Guilt.
Time changes everything is van 17/9 t/m 29/1 te zien in De Pont, Tilburg
Michael Heizer begon meer dan vijftig jaar geleden aan een van de grootste kunstwerken ter wereld in het voorouderlijke land van de Nuwu (zuidelijke Paiute) en Newe (westelijke Shoshoni), ongeveer 200 kilometer ten noorden van Las Vegas. Het monumentale werk City is nu af en mag bezichtigd worden. In City zie je verwijzingen naar oude verdwenen beschavingen: Indiaanse grafheuvels, Meso-Amerikaanse metropolen, en zelfs het Egyptische Luxor is erin te herkennen. Alleen is deze stad van beton. Heizer begon dit kostbare en ambitieuze project eerst met eigen financiering maar kreeg uiteindelijk steun van de in 1998 opgerichte Triple Aught Foundation, die een fonds beschikbaar stelde en de site de komende jaren zal beheren en conserveren.
De kosten van de bouw van de City worden geschat op 40 miljoen dollar
Dat de totstandkoming nogal wat voeten in de aarde heeft gehad, is niet verbazend. Het vergde de nodige inspanning om al het materiaal ter plaatse te krijgen en in 2015 moest een coalitie van museumdirecteuren en wijlen senator van Nevada Harry Reid strijden voor de bescherming van het gebied door middel van een openbare petitie en wetgeving die bij het Congres werd ingediend. Heizer denkt dat het project lang zal meegaan. De mooiste kunstwerken van de Inca’s, Olmeken en Azteken werden allemaal geplunderd, met de grond gelijk gemaakt, en hun goud werd omgesmolten. Mocht de City vernield worden, dan verwacht de kunstenaar dat de sloop meer kost dan het materiaal zal opbrengen.
Het kunstwerk is maar een aantal keren per jaar te bezoeken; gratis voor omwonenden en 150 dollar voor anderen, inclusief het vervoer naar de locatie. De kosten van de bouw van de City worden geschat op 40 miljoen dollar.
Landart-installatie City is vanaf 2 september in Garden Valley, Verenigde Staten te bezoeken
‘Een oldskool melodrama, vermengd met een eigentijds politiek bewustzijn, dat in het brexittijdperk een bredere crossculturele botsing suggereert.’ Zo typeert criticus Guy Lodge After Love, de eerste speelfilm van de Brits-Pakistaanse regisseur Aleem Khan in Variety. ‘Het is maar een kleine vijftig kilometer van Dover naar Calais maar Het Kanaal scheidt twee compleet tegengestelde werelden: van taal tot religieuze opvattingen en seksuele moraal.’
In After Love worden die verschillen scherp aangezet wanneer Mary uit Dover, moslima, kinderloos en net weduwe geworden, ontdekt dat haar man Ahmed, kapitein op een ferry, jarenlang een relatie had met Geneviève in Calais. Daarop steekt Mary Het Kanaal over om zich te melden bij haar Franse rivale, die haar aanziet voor de nieuwe schoonmaakster. Mary verzwijgt haar ware identiteit en komt zo over de vloer bij Geneviève. In de loop van de film komt ze steeds meer te weten over Ahmeds verleden – zo blijkt hij een zoon te hebben met zijn minnares – terwijl de vrouwen steeds directer met elkaar worden geconfronteerd.
In The Evening Standard toont Charlotte O’Sullivan zich enthousiast over de film: ‘Joanna Scanlan in de hoofdrol is verbluffend goed; het acteerwerk is sowieso geweldig.’ O’Sullivan begrijpt alleen niet waarom een witte actrice schittert in de hoofdrol: ‘Zoveel Britse films worden er niet gemaakt over moslims.’
‘Is het mogelijk om jezelf te kennen en wat weten we eigenlijk over de identiteit van een ander?’
Volgens Mattia Pasquini van de Italiaanse filmsite Cinefilos liggen er grote filosofische kwesties ten grondslag aan deze film: ‘Is het mogelijk om jezelf te kennen en wat weten we eigenlijk over de identiteit van een ander?’ Volgens de recensent lukt het de twee vrouwen in After Love ‘elkaar na een spel van leugens en ondanks alle cultuurverschillen te ontdekken en de afwezigheid van hun geliefde te accepteren. Om vooruit te komen is het af en toe nodig de eigen regels te overtreden.’
Tim Robey in The Telegraph heeft juist moeite met de manier waarop de regisseur de hoofdpersonen dichter bij elkaar brengt: ‘Met deze film zet Khan zichzelf terecht op de internationale kaart, maar het verhaal schreeuwt om een heftiger en geloofwaardiger einde. Zo gevoelig en persoonlijk als hij de film opent, zo gelikt zijn de slotscènes.’
After Love van regisseur Aleem Khan draait vanaf 25 augustus in de bioscoop
Eind augustus werd op HBO en OCS gelijktijdig de langverwachte prequel van Game of Thrones uitgezonden. Vooralsnog lopen de meningen uiteen. Volgens Bloombergbijvoorbeeld ‘spuwt House of the Dragon vuur’, terwijl de serie voor IndieWire ‘de vlam niet echt nieuw leven inblaast’.
In dit nieuwe seizoen, gebaseerd op het werk van schrijver George R.R. Martin, draait het om Koning Viserys (Paddy Considine), die ‘niet van conflicten houdt, zachtaardig en redelijk is; slechte eigenschappen voor een leider van de Seven Kingdoms’, aldusLos Angeles Times. Viserys’ dochter, Rhaenyra (Milly Alcock, daarna Emma D’Arcy), is weliswaar drakenrijder, maar geen mannelijke erfgenaam. En dat wekt de machtsbelustheid van Visery’s broer Daemon (Matt Smith).
‘Er zijn wel héél veel Targaryens’
Los Angeles Times is enthousiast: ‘Deze spin-off (…) introduceert subtiele veranderingen in toon en benadering, evenals een breed scala aan nieuwe personages en verhaallijnen.’ Volgens The Guardianbevat ook dit deel alle pre’s van Game of Thrones: bloedige gevechten, lange dialogen in het Hoog-Valyrisch, ‘borsten en billen in bordelen’, ‘lelijke pruiken’, incestueuze verleidingen en natuurlijk draken – alles ‘wat Game of Thrones zo goed maakte toen de serie op zijn best was’, aldus de Britse krant.The Independent noemt de spin-off nog ‘intenser, brutaler, bloediger’ dan de oorspronkelijke serie.
Maar, zegt The New York Times, ‘er ontbreekt iets’. The Hollywood Reporter denkt te weten wat. ‘Er zijn wel héél veel Targaryens’, verzucht recensent Daniel Fienberg, zodat op het scherm veel ultraplatinablonde pruiken te zien zijn; de haarkleur die kenmerkend is voor de dynastie. ‘Sommigen staat dat goed, maar dat geldt niet voor iedereen’, aldus Fienberg. Bovendien symboliseert deze alomtegenwoordigheid volgens hem ‘een gebrek aan diversiteit in karakters, persoonlijkheden en zienswijzen’. Zijn oordeel: ‘Deze spin-off moet zijn identiteit nog vinden.’
Op 6 juli uploadde de Taiwanees Jay Chou, een van de beroemdste Chineestalige popsterren, de videoclip voor zijn nieuwe nummer, waarvan de titel zich vertaalt naar ‘The Greatest Works of Art’. Het is afkomstig van een album dat op 15 juli werd uitgebracht, het eerste album van de artiest sinds 2016. ‘In de clip is te zien hoe Chou zich verkleedt als bewaker in La Samaritaine en het Parijse warenhuis binnenglipt om een magische piano te bespelen’, beschrijft ArtNet News. Na een paar noten verplaatst hij zich naar een ander tijdperk, waarin hij grootheden als Dalí, Magritte en Monet ontmoet.
‘The greatest works of art zijn dus allemaal buitenlands?’
De clip werd sinds de release vele miljoenen malen bekeken, volgens de Chinese site Sixth Toneonder meer omdat deze een ‘balsemende werking zou hebben’ op ‘alle Chou-bewonderaars op het vasteland van China, die vanwege covid-19 geen reizen naar het buitenland hebben mogen maken en heimwee hebben naar de Europese kunst en cultuur’. Maar er is ook kritiek. ‘In deze roerige tijden hoef ik, de koning van de muziek, niet als een schilderij ingelijst te worden. Mijn muzieknoten vormen de toekomst van de kunst’, citeert Art News uit het liedje om de grootheidswaanzin van de artiest aan te stippen, die bijvoorbeeld ook blijkt uit zijn insinuatie dat tovertrucs van hem tot bepaalde kunstwerken zouden hebben aangezet, zoals de gebogen lepel van Dalí.
Een gebruiker van Weibo, de Chinese variant van Twitter, postte de retorische vraag: ‘The greatest works of art zijn dus allemaal buitenlands?’ The Straits Times, een dagblad uit Singapore, schrijft scherp: ‘Woody Allen draaide Midnight in Paris [waarin de held ook naar het Parijs van de jaren twintig reist] om op zoek te gaan naar overblijfselen van de belle époque. Jay reist naar Parijs om zichzelf te vergelijken met Monet, Van Gogh en Matisse.’
Door Laura Weeda
Deze website gebruikt cookies. Door de site te gebruiken gaan we er vanuit dat je ze accepteert. OK
Manage consent
Over onze cookies
Deze website gebruiks cookies die de gebruikservaring verbeteren. De cookies die we als noodzakelijk categoriseren worden opgeslagen door je browser en zijn essentiëel voor een goede werking van de basisfuncties van deze website. We gebruiken ook third-party cookies die ons helpen te analyseren hoe deze website gebruikt wordt. Deze cookies kunnen ook voor marketingdoeleinden worden gebruikt. Ze worden alleen door je browser opgeslagen als je daar toestemming voor geeft.
Onze noodzakelijke cookies zijn essentiëel voor het goed functioneren van deze website. De basisfuncties en beveiliging van deze website zijn hiervan afhankelijk. Deze cookies slaan geen persoonlijke informatie op.