Onderwerpen: Film

  • Goodbye Julia belicht verdeeldheid in Soedan

    Goodbye Julia belicht verdeeldheid in Soedan

    Regisseur Mohamed Kordofani zegde in 2019, op 39-jarige leeftijd, zijn baan als luchtvaartingenieur in Bahrein op om zich in zijn geboorteland Soedan op de film te richten. Een makkelijke periode om te filmen was het niet, vertelt hij aan Courrier International. In april 2023 brak er een burgeroorlog uit, en ook filmlocaties hadden daaronder te lijden.

    Het idee voor Goodbye Julia, aldus Kordofani, ontstond na het referendum in 2005, waarbij Zuid-Soedanezen mochten beslissen of ze al dan niet bij het noorden van het land wilden blijven horen. ‘We wisten allemaal dat de scheiding zou plaatsvinden, maar dat dit met 99 procent van de stemmen zou gebeuren is krankzinnig. (…) Ik besefte dat Zuid-Soedanezen werden behandeld als tweederangsburgers, en dat het probleem ons racisme was, niet de politiek. Ook besefte ik dat ik bijna geen Zuid-Soedanezen kende, hoewel er in Khartoem, waar ik ben opgegroeid, heel veel woonden.’

    ‘Er zijn geen goeieriken of slechteriken, alleen mensen die soms slechte dingen doen, net als in mijn eigen familie’

    Het verhaal gaat over twee vrouwen: Julia (Siran Riak), een christelijke vrouw uit het zuiden van het land die opgroeide in Khartoem, en Mona (Eiman Yousif), een rijke vrouw uit de Arabische meerderheid in het noorden. Kordofani wilde nadrukkelijk empathie overbrengen voor al zijn personages: ‘Er zijn geen goeieriken of slechteriken, alleen mensen die soms slechte dingen doen, net als in mijn eigen familie.’

    Variety spreekt van een ‘intelligent en meelevend script’, waarin het politieke nooit het persoonlijke overstemt. Volgens de Spaanse filmsite La Estatuilla slaagt Kordofani erin driedimensionale karakters te creëren en ideeën over racisme, slavernij, schuldgevoel en moederschap met elkaar te verweven. Flickering Myth typeert de film als ‘een hartverscheurend, emotioneel uitputtend verhaal over schuldgevoelens’. 

    Maar volgens sommige recensenten ligt de nadruk toch te veel op die politieke kant

    Maar volgens sommige recensenten ligt de nadruk toch te veel op die politieke kant. ‘De openingsscènes in Khartoem zijn gefilmd als een tikkende tijdbom, maar in de loop van het tweede en derde bedrijf neemt de spanning af en betreedt Kordofani bekend terrein’, schrijft bijvoorbeeld CairoScene. Volgens het Spaanse Caimán Cuadernos de Cine ‘kiest Kordofani voor een enscenering die even functioneel als overdreven correct is en de symbolische kracht van zijn personages bevordert’. (Op de vraag van CI hoe hij zijn Zuid-Soedanese karakters heeft vormgegeven antwoordt Kordofani dat hij veel video’s van Zuid-Soedanezen heeft bekeken.)

    Screen International verzucht dat dit verhaal over religieuze vervolging en diepgeworteld racisme zich dan misschien afspeelt in Soedan tussen 2005 en 2010, maar ‘zeer relevant en helaas tijdloos’ aanvoelt.  

  • Franse speelfilm verenigt romantiek en klimaat

    Franse speelfilm verenigt romantiek en klimaat

    Met Intouchables en Hors normes bewezen Olivier Nakache en Éric Toledano prima overweg te kunnen met gevoelige sociale thema’s als racisme en ongelijke kansen. In hun nieuwe speelfilm Une année difficile plaatst het Franse regisseursduo ditmaal persoonlijke geldproblemen tegenover zorgen om klimaatverandering. Het verhaal draait om Albert en Bruno, twee aan lager wal geraakte dertigers die in hun zoektocht naar duistere dealtjes en makkelijk geld verdienen, verzeild raken tussen militante milieuactivisten. Daar valt Albert als een blok voor actieleidster Cactus, met alle komische en romantische verwikkelingen van dien.

    Robert Daniels van Screen Daily houdt het op ‘een simpele screwballcomedy’ die wordt gekenmerkt door ‘de zorgwekkende leegheid van de personages’. Volgens hem doen hoofdrolspelers Pio Marmaï en Jonathan Cohen het ‘geweldig als komische stuntelaars’, maar hij mist vooral ‘de romantische chemie, emotionele spanning en politieke geestdrift’.

    ‘Eindelijk weer een grappige Franse film die niet vulgair is’

    Éric Neuhoff van Le Figaro heeft zich juist prima vermaakt met de film. Hij is goed te spreken over de ‘totale afwezigheid van cynisme in deze goedmoedige kroniek’. Bij het verlaten van de bioscoop moest hij de neiging onderdrukken om een megafoon te pakken: ‘Eindelijk weer een grappige Franse film die niet vulgair is.’

    Hoewel ze opnieuw de ‘frictie tussen twee cruciale maatschappelijke thema’s’ als uitgangspunt kiezen, ‘slaan de makers de plank deze keer mis’, schrijft Stéphane Jonathan in Sud Ouest: ‘Het evenwicht ontbreekt in deze humanistische komedie. Schuldenlast en klimaatproblemen zijn niet meer dan decorum voor komische en romantische situaties. Ondanks het ritme, de gratie en charmes van de acteurs.’

    Door twee failliete, gewetenloze profiteurs neer te zetten in een omgeving van wereldverbeteraars, heeft de film vermeden de kant van ‘green bashing’ op te gaan, en dat is prijzenswaardig, zegt Jérémy Bernède in Midi Libre. ‘Met grote elegantie is ook de moralistische valkuil vermeden.’ Het eindresultaat is volgens hem een ‘optimistisch, rommelig en toch ook verenigend verhaal. Onvolmaakt, dus menselijk en verschrikkelijk aandoenlijk.’

    ‘Het verhaal loopt uit de hand en wordt gaandeweg steeds ongeloofwaardiger’

    ‘Het verhaal loopt uit de hand en wordt gaandeweg steeds ongeloofwaardiger’, vindt Laurent Cambon van cultuursite AVoir-ALire. ‘Tegelijkertijd is het door de oprechte themakeuze moeilijk om iets slechts over deze film te zeggen.’ 

    Une année difficile van Éric Toledano en Olivier Nakache is vanaf 26 oktober te zien in de bioscoop.

    Door Diederik Samwel

  • In deze Vietnamese film draait alles om de ziel

    In deze Vietnamese film draait alles om de ziel

    ‘Zielen zijn kwetsbaar,’ zegt de oude dame. ‘Ze zijn licht. Als ze de stank van de aarde inademen, lijden ze. Maar het meest triest voor ze is nog dat ik moet terugkeren naar dit lichaam.’ Bij de woorden van deze oude dame kreeg de recensent van de Vietnamese site Saigoneer tranen in de ogen. ‘Misschien omdat ze weerspiegelden wat mijn eigen ba ngoai [grootmoeder van moederskant] geloofde, namelijk dat als iemand ooit naar deze wereld zou kunnen terugkeren nadat hij deze heeft verlaten, dat misschien is om anderen verdriet te besparen.’

    De hoofdpersoon van Inside the Yellow Cocoon Shell vangt na de dood van zijn schoonzus haar vijfjarige zoontje op, met wie hij op zoek gaat naar zijn broer, die al jaren wordt vermist. Vanuit Ho Chi Minh reizen ze naar een provincie die ‘bergachtig [is] en gehuld in mist’. Tijdens zijn odyssee plaatst Thien steeds meer vraagtekens bij de man die hij is geworden, ‘bezorgd en ontevreden, in strijd met de katholieke religie waarmee hij opgroeide’. Op hem is de metafoor van de pop sterk van toepassing. ‘De gouden cocon is (…) het vleselijke omhulsel dat mensen naar onrust en chaos leidt, op zoek naar fortuin en succes. In de cocon bevindt zich de pop, die de ziel van elke persoon symboliseert’, analyseert Viet Nam News. ‘De hoofdpersoon is een vergeten ziel die diep vanbinnen worstelt om zichzelf te transformeren, om uit de cocon van verleidingen en sociale vooroordelen te komen, om een nieuwe en authentieke mens te worden.’ De naam van de verloren broer, Tam, betekent toepasselijkerwijs ‘ziel’.

    De naam van de verloren broer, Tam, betekent toepasselijkerwijs ‘ziel’

    De Saigoneer-recensent spreekt van een ‘trage, meanderende film, meditatief, mysterieus’, met typisch Vietnamese toon, sfeer en landschappen. Mede dankzij het mooie camerawerk kun je je ratio volgens hem tijdens het kijken van de drie uur durende film ‘op een laag pitje zetten en jezelf laten gaan (…) De film dwong mij tot nederigheid jegens sterkere krachten, bekend en onbekend, zichtbaar en onzichtbaar.’ 

  • Janis Rafa eert dieren met een woordeloze ode

    Janis Rafa eert dieren met een woordeloze ode

    Janis Rafa (Athene, 1984) studeerde beeldende kunst en filosofie aan de Universiteit van Leeds en woont en werkt afwisselend in Amsterdam en Athene. Het Eye Filmmuseum vond in haar werk genoeg aanleiding om een solotentoonstelling samen te stellen. In haar films en video-installaties wordt zelden gesproken en richt Rafa zich juist op de geluidloze aanwezigheid van dieren, wat een poëtische compositie oplevert waarin ‘dierlijke instincten, ongetemd gedrag en het menselijk onvermogen’ een grote rol spelen.

    Meestal kiest zij de weinige rafelranden die er nog zijn op postindustriële plekken om haar beeldtaal te laten samenwerken met verlaten gebouwen en in verval rakende natuur. Daarin staat niet de mens centraal maar eert Rafa zwerfhonden, aangereden wild, huisdieren of dieren in de bio-industrie met een woordeloze ode.

    Feed me. Cheat me. Eat me. Janis Rafa, Eye, 13/10 tot 7/01 2024

  • De film Roter Himmel, ‘een grandioze karakterstudie’

    De film Roter Himmel, ‘een grandioze karakterstudie’

    In Roter Himmel, de nieuwe speelfilm van de Duitse regisseur Christian Petzold, gaat de jonge auteur Leon op vakantie naar de Oostzee, samen met zijn beste vriend, de fotograaf Felix. Leon ligt volledig overhoop met het manuscript voor zijn tweede roman, waardoor de avances van Nadja, die in hetzelfde vakantiehuis logeert, hem volledig ontgaan. De hevige bosbrand in de omgeving heeft hij evenmin in de gaten.

    ‘De vraag is hoe Petzold erin slaagt een natuurramp zo terloops te introduceren dat de kijker pas weet wat er aan de hand is wanneer de hoofdpersonages al diepgang en karakter hebben’, schrijft Andreas Kilb voor Frankfurter Allgemeine. ‘Een Amerikaanse film zou met een vuurzee zijn begonnen, terwijl de brand in een Franse film de hoofdpersonen had samengebracht, als katalysator voor hun opbloeiende liefde.’ Expliciete beelden van de bosbrand ontbreken, maar bij Petzold gaat het volgens Kilb om het ‘benaderen van de waarheid en werkelijkheid die schuilgaan achter hetgeen hij ons laat zien’.

    Hoe dan ook, de film is op zijn best zodra het verhaal zonder woorden wordt verteld

    Het is Carolin Ströbele opgevallen dat fotograaf Felix ‘aanmerkelijk vrijer door het leven wandelt’ dan auteur Leon, meldt ze in Die Zeit: ‘Alsof de filmmaker daarmee wil suggereren dat het geschoten beeld een lichtere discipline is dan het geschreven woord. Hoe dan ook, de film is op zijn best zodra het verhaal zonder woorden wordt verteld.’

    ‘Een film over het verlies van zorgeloosheid en de immense moed die ervoor nodig is om schoonheid te veroveren’, vindt Chloé Caye van de Franse site Culture aux Trousses. Voor Caye is duidelijk dat de hoofdpersonen in Roter Himmel gevangen zitten in hun eigen, beperkte belevingswereld: ‘Maar voortdurend schemert de urgentie erdoorheen: uiteindelijk moeten ze iets zeggen of actie ondernemen. Precies zoals de bosbrand hen eraan herinnert dat de houdbaarheidsdatum niet ver weg is.’

    Harald Mühlbeyer van Kino-Zeit typeert de film als ‘een grandioze karakterstudie, waarin het maken van kunst centraal staat’. Tegelijkertijd gaat de film in zijn ogen over het ‘onderdrukken van gevoelens en hoe die onherroepelijk aan de oppervlakte komen. Maar dan wel op het moment dat het te laat is.’ 

    Door Diederik Samwel

  • Barbie verdeelt de Arabische wereld

    Barbie verdeelt de Arabische wereld

    Terwijl Barbie is verboden in onder andere buurlanden Koeweit en Oman, en bijvoorbeeld de onafhankelijke site Tout sur l’Algérie de film ervan beschuldigt ‘homoseksualiteit in de Arabische wereld’ te bevorderen, staan bezoekers in Saoedie-Arabië, mede door het verbod elders, ervoor in de rij. In sommige zalen is de film wel vijftien keer op een dag geprogrammeerd. Een columnist van het Koeweitse dagblad Al-Rai verbaast zich erover dat de film wordt vertoond ‘in de donkere kamers van het Saoedische koninkrijk’, want ‘onze samenlevingen [zijn] even conservatief en evenzeer toegewijd aan tradities en gebruiken’. Lange tijd werd juist Koeweit beschouwd als een van de meest open samenlevingen in de Golf, en Saoedi-Arabië als een bastion van conservatisme, legt hij uit.

    Ook The Hollywood Reporter spreekt van een ‘omgekeerde’ situatie: ‘Vanuit de hele Golf reizen mensen nu naar Saoedi-Arabië om naar de bioscoop te gaan, terwijl dat jarenlang andersom was.’ Voor de Jemenitische site 26sep.net is dit reden om Saoedi-Arabië te bestempelen tot ‘de kern van de verspreiding van een cultuur van decadentie’ in het Midden-Oosten. 

    De oproep om de film te verbieden komt dan ook vooral voort uit een felle anti-lhbtq-campagne

    Hoewel de film geen personages bevat die expliciet lhbtq zijn, noemen velen Barbie ‘een ode aan queerness’. De oproep om de film te verbieden komt dan ook vooral voort uit een felle anti-lhbtq-campagne. Zo heeft in Irak de Media- en Communicatiecommissie vorige maand het gebruik van de termen ‘homoseksueel’ en ‘homoseksualiteit’ verboden in alle media, ook op socialemediaplatforms, met de suggestie deze te vervangen door ‘seksuele afwijking’, meldt CBS News

    Op het voormalige Twitter toont Kamel Daoud, een bekende Algerijnse journalist en schrijver, zich somber over de ontwikkelingen. ‘In de strijd van Baard tegen Barbie winnen de bebaarde mannen’, aldus Daoud.

    Elders in de Arabische wereld heeft ‘de stem van de rede gezegevierd’, zoals het Egyptische dagblad Al-Masry Al-Youm het verwoordt, en gaven censuurcommissies na enige aarzeling wel toestemming de film te vertonen.  

    Door Laura Weeda

  • Rotte appels worden pareltjes op het witte doek

    Rotte appels worden pareltjes op het witte doek

    Les pires is een film in een film. Een regisseur, gespeeld door de Belgische acteur Johan Heldenbergh, strijkt neer in het Noord-Franse kustplaatsje Boulogne-sur-Mer om met lokale jongeren een speelfilm op te nemen. Maar in feite is het de échte regisseurs, de Franse debutantes Lise Akoka en Romane Guéret, te doen om wat er achter de schermen gebeurt. Omdat de hoofdrollen worden gespeeld door jongeren uit de buurt die nooit eerder voor de camera stonden, vervaagt de grens tussen fictie en werkelijkheid vanzelf.

    Volgens Luc Boulanger van La Presse roept de film ‘interessante vragen op over sociaal voyeurisme in tijden van social media en reality-tv’: ‘Worden jongeren in een kwetsbare positie hier ingezet om een sterk realistische film te maken, of om de dagelijkse problemen in een achterstandswijk beter te begrijpen?’ Hoe dan ook, Boulanger begrijpt waarom de film in Cannes werd bekroond en schaart zich achter de lovende Franse kritieken: ‘De rotte appels uit de stadswijk blijken pareltjes op het witte doek.’

    ‘De makers zijn jarenlang bezig geweest met acteerworkshops in achterstandswijken’

    Los van de ethische kwesties vindt François Lévesque van het Canadese Le Devoir de vier belangrijkste acteurs ‘uitstekend en ontroerend’. Volgens hem resulteert het in ‘een menselijke en cinematografische ervaring waaraan je je tot het laatste shot moet overgeven.’ Ook Thierry Chèze van filmmagazine Première kent geen twijfel: ‘De filmmakers hebben het thema volledig in de vingers. Geen enkel spoor van het stigmatiseren van een volkswijk, of juist van het romantiseren van sociale ellende.’ Over de zestienjarige hoofdrolspeelster Mallory Wanecque komt Chèze zelfs woorden tekort: ‘Puur goud, wat een waanzinnige uitstraling. Die gaan we nog vaak terugzien.’

    In Variety schrijft Guy Lodge dat het succes van Les pires niet uit de lucht komt vallen: ‘De makers zijn jarenlang bezig geweest met acteerworkshops in achterstandswijken. Daardoor weerspiegelt de film hun persoonlijke aanpak en ontwikkeling.’ Collega Dmitry Samarov van Chicago Reader vindt dat de niet-professionele acteurs van begin af aan overtuigen: ‘Welke scènes gespeeld, gescript of geïmproviseerd zijn? Dat maakt toch helemaal niet uit?’

    Les pires (The Worst Ones) van Lise Akoka en Romane Guéret draait vanaf 29 juni in de bioscoop.

    Diederik Samwel

  • Cesária Évora, diva op blote voeten

    Cesária Évora, diva op blote voeten

    De Kaapverdische zangeres Cesária Évora (1941-2011) is onlosmakelijk verbonden met het ontstaan van het genre ‘wereldmuziek’, begin jaren negentig. Zodra in een bar haar nummer Sodade klinkt, beginnen vijfendertigplussers onwillekeurig mee te neuriën.

    In de documentaire Cesária Évora van de Portugese regisseur Ana Sofia Fonseca komt vooral naar voren hoe bijzonder het is dat een zangeres die opgroeide onder uiterst sobere omstandigheden pas na haar vijftigste internationaal doorbrak en haar afkomst nooit verloochende, schrijft Manori Ravindran voor Variety: ‘Op het archiefmateriaal dat Fonseca gebruikte, zie je hoe Cesária blijft zorgen voor eten, drinken en onderdak voor de mensen in haar omgeving.’

    ‘Haar melancholische stem komt rechtstreeks uit de aarde, uit haar binnenste’

    Volgens Vasco Baptista Marques van het Portugese dagblad Expresso is de film ‘wat onevenwichtig’ geworden, maar komt dat ‘waarschijnlijk door het gebrek aan materiaal uit de periode vóór haar doorbraak’. Hij noemt het ‘volkomen terecht dat Fonseca de pure authenticiteit van deze diva op blote voeten centraal stelt. Want haar melancholische stem komt rechtstreeks uit de aarde, uit haar binnenste, en zou nooit in een studio kunnen worden geproduceerd.’

    Ian-Malcolm Rijsdijk vindt dat de oude familiefoto’s en archiefbeelden juist prima illustreren waar de zangeres én haar eilandengroep vandaan komen, schrijft hij voor de academisch-journalistieke site The Conversation: ‘Een Portugees marineschip aan de kade, de eerste dagen van de onafhankelijkheid [in 1975]: het geeft de film een extra dimensie. Tegelijkertijd vormt het een mooie combinatie met het portret van een anti-ster die niets moest hebben van wereldfaam en marketingstrategieën, en altijd terugging naar haar geboortedorp.’

    ‘Een geweldige en uiterst intieme film,’ recenseert Fernando Gálligo Estévez voor de Spaanse filmsite Cinemagavia: ‘Omdat Fonseca in de loop der jaren het vertrouwen van Évora zelf, haar familie en vrienden heeft gewonnen, krijgen we behalve van haar succes ook een beeld van haar traumatische kinderjaren, de terugkerende depressies en haar alcoholverslaving.’

    De documentaire Cesária Évora draait vanaf 1 juni in de bioscoop

  • Universum van geweld in een tropisch woud

    Universum van geweld in een tropisch woud

    FILM | Toen filmmaker Andrés Ramírez Pulido met zijn vrouw voor werk in Ibagué belandde, ontdekte hij ‘een ander universum, omringd door tropisch bos en doordrenkt van de warme sfeer van de Magdalena-vallei’, vertelt hij aan dagblad El Tiempo. Hoewel deze stad in de bergen in het midden van Colombia er vooral om bekendstond dat er niets gebeurde en geen werkgelegenheid was, aldus het Colombiaanse weekblad Semana, besloot Pulido dat dit universum filmische waarde had. En zo ontstond zijn eerste speelfilm: La jauría, die de hoofdprijs van de Semaine de la Critique ontving op het afgelopen filmfestival van Cannes.

    La jauría volgt het verhaal van Eliú (Jhojan Estiven Jiménez), een tiener die is veroordeeld voor moord en in een experimenteel rehabilitatiecentrum midden in het tropische woud is geplaatst. ‘Een vreemde plek, die net zo wordt weggevreten door vocht en varenranken als de jongeman door woede en schuldgevoel’, beschrijft El Espectador.

    ‘Eliú wil veranderen, maar hij en de andere personages zijn gevangenen van een geweld dat onvermijdelijk lijkt.’ De jongen belichaamt een ‘adolescent die geweld van dichtbij heeft meegemaakt, is opgegroeid met gewapende conflicten en ook zelf te lijden heeft gehad van huiselijk geweld’, schrijft El Tiempo.

    ‘Er zijn mensen die een bepaald licht voor de camera afgeven, ze hebben iets wat ons aantrekt’

    Uit zijn gesprekken met tieners als Eliú, die vastzitten wegens drugsverslaving, slecht gedrag of een geweldsmisdrijf, kwam ‘een gemene deler’ naar voren, vertelt Pulido; een conflictueuze relatie met de vaderfiguur, die er ofwel vandoor was gegaan, ofwel gewelddadig was. De Spaanstalige editie van tijdschrift Rolling Stone brengt de film dan ook onder in een traditie van ‘films over kinderen en adolescenten die hun jeugd hebben verloren’. Maar de setting, de manier van filmen en ‘de stiltes’ van de hoofdrolspelers voorzien de plot volgens het tijdschrift van een nieuwe, betoverende toon.

    Onderdeel daarvan is de keuze om niet-professionele acteurs in te zetten; tieners die elkaar ontmoetten in de straten van Ibagué. ‘Er zijn mensen die een bepaald licht voor de camera afgeven, ze hebben iets wat ons aantrekt, wat we gedurende de film willen zien te ontdekken’, schrijft El Espectador.

    Volgens de filmmaker zelf kon hij op deze manier ‘loskomen van de collectieve beeldvorming van de Latijns-Amerikaanse marginale delinquent’ en ‘vanuit een andere hoek zien in welke gewelddadige omgeving deze jongeren opgroeien’.

    Door Laura Weeda

  • Road movie door Parijs én kostuumdrama

    Road movie door Parijs én kostuumdrama

    Pas nadat hij een paar keer op zijn claxon heeft geramd, ziet de norse en berooide taxichauffeur Charles (Dany Boone) zijn volgende passagier, de hoogbejaarde Madeleine (Line Renaud), naar buiten strompelen. Voor ze wordt overgeplaatst naar een verzorgingstehuis wil ze nog één keer langs de Parijse locaties waar ze haar dierbaarste herinneringen aan bewaart. Dat kan er ook nog wel bij, zie je Charles denken. Maar zodra Madeleine begint te vertellen, laat hij geleidelijk zijn schild zakken.

    Volgens Olivier Delcroix biedt de film Une Belle Course beide acteurs ‘een fraaie tandem voor twee personages die elkaar op een ontroerende manier weten te temmen’, schrijft hij in Le Figaro.

    ‘Verrassend teder en fascinerend’, zo omschrijft James Croot van de Nieuw-Zeelandse nieuwssite Stuff de film: ‘Misschien wordt niet iedereen meteen gegrepen, maar vroeg of laat geef je je er toch aan over.’

    ‘Als vanzelfsprekend’ raakte Simon Morris van Radio New Zealand in de ban van het duo in deze ‘door en door Franse’ film: ‘Het is duidelijk te merken dat regisseur Carion wetenschapper en ingenieur was voordat hij films ging maken, zo goed weet hij de verhaallijnen te vervlechten. Het einde zie je misschien aankomen, maar het valt te hopen dat meer landen het bioscooppubliek zo goed bedienen als de Fransen.’

    Ook Marc-André Lussier van het Canadese La Presse is enthousiast over de acteerprestaties. Wel vindt hij dat het een stuk minder had gekund met de flashbacks naar Madeleines verleden: ‘Het getekende gezicht van Renaud vertelt het complete verhaal van haar personage toch al? Die uitstapjes naar vervlogen tijden maken het onnodig zwaar en melodramatisch.’

    In Le Devoir stelt Caroline Chatelard daarentegen dat Carion ‘handig laveert’ tussen road movie en kostuumdrama: ‘De regisseur slaagt erin heimwee op te roepen naar een tijd die de hedendaagse kijker nooit heeft meegemaakt.’ Volgens Chatelard gaat de film niet zozeer over nostalgie en verlangen maar is het vooral een aanklacht tegen de manier waarop de maatschappij met bejaarden omspringt: ‘Die worden zogenaamd voor hun eigen bestwil in tehuizen geparkeerd. Daar moeten ze dan maar met hun geweten in het reine zien te komen.’

    Une Belle Course (Driving Madeleine) van regisseur Christian Carion draait vanaf 27 april in de bioscoop

    Door Diederik Samwel

  • Chukwu geeft masterclass ingehouden emoties

    Chukwu geeft masterclass ingehouden emoties

    Till van regisseur Chinonye Chukwu is gebaseerd op het waargebeurde verhaal van de veertienjarige Afro-Amerikaan Emmett Till, die in 1955 vanuit Chicago op familiebezoek ging in Mississippi om nooit meer terug te keren. Hij werd gelyncht omdat hij een witte vrouw onheus zou hebben bejegend. Mamie, Emmetts moeder, organiseerde een openbare begrafenis waar journalisten foto’s van het verminkte lichaam konden maken. Vervolgens ontwikkelde ze zich van een ontroostbare moeder tot prominente burgerrechtenactivist.

    Danny Leigh van Financial Times vindt dat de film ‘geweldig is gesitueerd in de jaren vijftig, met vrolijke jazz van Dizzy Gillespie, fraai uitgelichte warenhuizen en haarscherp gesneden pakken’. Volgens Leigh trakteert hoofdrolspeelster Danielle Deadwyler de kijker op een ‘masterclass ingehouden emoties’. In een seizoen dat wordt gedomineerd door ‘films waarin het genre wordt verheerlijkt, zien we hier de kracht van de verbeelding om de waarheid te vertellen’.

    ‘Je moet zo ongeveer van staal zijn om niet ontroerd te raken door deze film’

    ‘Je moet zo ongeveer van staal zijn om niet ontroerd te raken door deze film’, schrijft Peter Debruge in zijn stuk voor Variety, waarin hij vooral ingaat op de keuze om het karakter van moeder Mamie centraal te stellen: ‘Chukwu is geen in-your-face filmmaker, zoals Mel Gibson of Quentin Tarantino met hun expliciete geweldsscènes. Daardoor laat ze de kijker misschien te veel ruimte om gebeurtenissen zelf in te vullen. Een blaxploitation-film is het evenmin: ze kiest voor een respectabel mainstreamdrama om ons aan de recente geschiedenis te herinneren.’

    Richard Lawson heeft het in Vanity Fair over een familietragedie, maar mist de toegevoegde waarde: ‘Het is lastig om niet te bedenken dat je deze film allang hebt gezien. Zeker, het gaat erom dat dit gruwelijke onrecht aan de kaak wordt gesteld, maar waarom in zulke weelderige tinten en met zulke overdadige filmmuziek? De belangrijkste reden om toch te gaan kijken is de meeslepende acteerprestatie van Deadwyler.’

    Bij dat laatste sluit Richard Brody zich van harte aan in The New Yorker: ‘Deze actrice heeft met één oogopslag meer te vertellen dan menig collega in een lange monoloog. Zo draagt ze uit dat het leven van een zwarte burger in de VS onontkoombaar politiek is en haar onvoorwaardelijke inzet vereist.’

    Till van Chinonye Chukwu draait vanaf 30 maart in de bioscoop.

    Diederik Samwel

  • Eerste Koeweitse succes op Netflix

    Eerste Koeweitse succes op Netflix

    The Exchange ‘zet de Koeweitse serie-industrie op het internationale toneel’, jubelt Kuwait Times, in een bespreking van deze Netflix-serie waarin twee vrouwen een mannenwereld betreden. In een week tijd steeg The Exchange in veel Arabische landen en ook daarbuiten naar de top 10 van het platform. Hoewel ‘de taalbarrière lange tijd een van Koeweits grootste belemmeringen was om naam te maken in de internationale artistieke scene’, zegt acteur Jassim Al-Nabhan tegen de krant, ‘slaagde The Exchange er eindelijk in die barrière te doorbreken’.

    In zes afleveringen volgt de kijker hoe Munira (Mona Hussain) en haar nicht Farida (Rawan Mahdi) als eerste twee vrouwen aan het einde van de jaren tachtig, midden in de beurscrash en aan de vooravond van de Golfoorlog, toetreden tot de Kuwait Stock Exchange. 

    De Koeweitse krant Al-Rai meldt dat het verhaal voor veel ophef zorgde in het emiraat

    Volgens de Engelstalige krant van het land komen hierbij ‘veel gevoelige onderwerpen’ aan bod, ‘met name de emancipatie van vrouwen’. De twee vrouwen om wie het gaat zijn gebaseerd op de moeder van een van de scenarioschrijvers zelf, Nadia Ahmad, schrijft het Emiraatse dagblad The National, dat verder vooral de styling van de serie prijst, die de ‘glamour en vitaliteit van het decennium’ recht doet. Zo dragen de hoofdpersonen kokerrokken en schoudervullingen, ‘pronkstukken van de mode uit de jaren tachtig’.

    De Koeweitse krant Al-Rai meldt dat het verhaal voor veel ophef zorgde in het emiraat, aangezien het een onderwerp betreft dat er nooit eerder werd getoond. In een twijfelachtig geëmancipeerde opmerking voegt de krant eraan toe dat deze vrouwen ‘niets hadden bereikt zonder de steun van mannen die geloven in de bijdrage van vrouwen aan besluitvorming op alle gebieden’.

    The Exchange wordt sinds 8 februari op Netflix uitgezonden.

    Door Laura Weeda

  • Broederstrijd als metafoor voor wereldwijde escalatie

    Broederstrijd als metafoor voor wereldwijde escalatie

    De Britse regisseur Martin McDonagh kreeg in 2017 grote bekendheid met Three Billboards Outside Ebbing, Missouri die Frances McDormand (hoofdrol) en Sam Rockwell (bijrol) een Oscar opleverde. Zijn nieuwe film The Banshees of Inisherin speelt zich af in 1923, op een eiland voor de Ierse kust. Daar keren twee gezworen kameraden elkaar de rug toe. Zomaar, uit het niets. De een, Pádraic (Colin Farrell), zoekt nog wel toenadering, maar de ander, Colm (Brendon Gleeson), dreigt bij elke verzoeningspoging een vinger af te hakken. Geen geringe ingreep voor een violist. 

    Kyle Smith van The Wall Street Journal merkte meteen dat McDonagh het verhaal oorspronkelijk als toneelstuk schreef: ‘De film is gedisciplineerd opgezet, onberispelijk uitgewerkt en loopt over van de spanning.’ Smith vergelijkt het gegeven met Ierland dat al een eeuw wordt verscheurd door conflicten, maar net zo goed met brexit of opkomend populisme. ‘Deze film werkt als lachspiegel waarin we in de verwrongen beelden gemakkelijk onszelf herkennen. Er valt genoeg te lachen maar deze komedie heeft maar één kleur: zwart.’ 

    Durft iemand het woord meesterwerk in de mond te nemen? Ik wel

    Elmar Krekeler van Die Welt beschouwt de hoofdpersonages als ‘twee botsende herten in de bronsttijd.’ En dan is het maar een kleine stap om in die broederstrijd de ‘perfecte weerspiegeling van de wereldwijde politieke escalatie in Oost-Europa te zien.’ 

    ‘Hartverscheurend, donker en zonder opsmuk, schrijft Clarisse Loughrey in The Independent. Maar bij de film denkt ze niet meteen aan grootschaliger conflicten: ‘McDonagh benadrukt de existentiële last van het eilandbestaan. Draait het om geluk of zingeving?’

    In The New Yorker noemt Anthony Lane het een ‘duistere film waarin naderend onheil een vast patroon wordt.’ Het valt Lane op dat geregeld het geluid van vuurgevechten in de burgeroorlog op het vasteland overwaait. ‘De verwarring die daardoor op het eiland ontstaat is geloofwaardig. Minder overtuigend zijn McDonaghs pogingen om persoonlijke vijandelijkheden als parabel voor het landelijke conflict op te voeren.’

    Volgens Eric Neuhoff van Le Figaro kent Banshees of Inisherin geen equivalent in de hedendaagse cinema: ‘Omdat zo’n bizar verhaal eenvoudig niet bestaat. Op de kaart zul je vergeefs zoeken naar het plaatsje Inisherin. Toch zal de film voortaan onze dromen en herinneringen beheersen en slapeloosheid veroorzaken. Durft iemand het woord meesterwerk in de mond te nemen? Ik wel.’

    The Banshees of Inisherin van regisseur Martin McDonagh draait vanaf 27 januari in de bioscoop

    Door Diederik Samwel

  • Engelse veteraan dingt mee naar een Oscar 

    Engelse veteraan dingt mee naar een Oscar 

    Privélevens bestaan niet op het Londense departement voor Openbare Werken in de jaren vijftig. Zelfs collega’s die dagelijks met dezelfde trein naar hun werk gaan wisselen geen persoonlijke informatie uit. Op kantoor is de belangrijkste bezigheid om lastige dossiers onderop te leggen of naar een andere afdeling door te schuiven. Wat gebeurt er dan wanneer een van hen vlak voor zijn pensioen te horen krijgt dat hij nog zes maanden te leven heeft? Hij stapt subtiel uit zijn rol, zonder ook maar een greintje van zijn waardigheid te verliezen. 

    Dat is de kern van Living, de Engelse, door de Zuid-Afrikaan Oliver Hermanus geregisseerde bewerking van Ikiru (1952) van de Japanse grootmeester Akira Kurosawa. Diens landgenoot Kazuo Ishiguro, romanschrijver en Nobelprijswinnaar, tekende voor het script. En dat is duidelijk te zien, vindt Anthony Lane in zijn bespreking voor The New Yorker. Hoofdrolspeler Bill Nighy (72) roept herinneringen op aan Anthony Hopkins in Remains of the Day, de verfilming van Ishiguro’s gelijknamige roman, die als hondstrouwe butler uit plichtsbesef de liefde van zijn leven laat schieten: ‘Wanneer zulke acteurs zo inventief en intuïtief een verwelkte en bekrompen man vertolken, geloven we dan wat we zien of zijn we getuige van een briljante vertolking?’

    Volgens Constance Jamet van Le Figaro zou er best eens een Oscarnominatie in kunnen zitten voor Nighy: ‘Een haast Spartaanse acteerprestatie waarbij elk sentiment even doorleefd en verstild overkomt.’

    ‘Alleen al zo’n terloops gesprekje met een agent op straat: daar krijg je zelfs een steen mee aan het huilen’ 

    In The Independent verbaast Clarisse Loughrey zich over de keuze van de makers om Living 70 jaar na Kurosawa’s origineel in het naoorlogse Londen te situeren. ‘Maar wat maakt het uit? De film is fascinerend. Vooral door het glanzende charisma van Nighy. Hij legt het als een slangenhuid over de stoïcijnse rust van zijn karakter. Zo krijgt het bijna iets spookachtigs. Is de man al halfdood of verdient hij ten volle zijn bijnaam op kantoor: Mr. Zombie?’ 

    Tara Brady van The Irish Times is diep onder de indruk van regie, cast, set design en aankleding: ‘Gewoon perfect. Alleen al zo’n terloops gesprekje met een agent op straat: daar krijg je zelfs een steen mee aan het huilen.’ 

    Living van regisseur Oliver Hermanus is vanaf 29 december te zien in de bioscoop

    Door Diederik Samwel

  • Pijnlijke paradox rond vreemdelingenhaat

    Pijnlijke paradox rond vreemdelingenhaat

    Vlak voor Kerstmis neemt Matthias – half Roma, half Duits – ontslag bij een slachthuis in Duitsland, om terug te keren naar het bergdorp in Transsylvanië waar hij vandaan komt. Hij wil zijn zoontje Rudi aan het praten krijgen, zijn zieke vader opzoeken en de relatie met zijn ex Csilla nieuw leven inblazen. De sfeer is grimmig en wordt er niet beter op wanneer Csilla drie gevluchte Sri Lankanen aanneemt in haar bakkerij. 

    Zo begint de speelfilm R.M.N. (de Roemeense vertaling van ‘MRI’) van de Roemeense regisseur Cristian Mungiu, die internationaal in de prijzen viel met 4 maanden, 3 weken & 2 dagen en Graduation. Het resulteert volgens recensent David Ehrlich van IndieWire in een ‘sociaal-economische smeltkroes die de kijker geleidelijk bij de keel grijpt. Een weliswaar iets te breed opgezet, maar tijdloos verhaal over vreemdelingenhaat in een lokale setting.’

    Lee Marshall schrijft voor Screen Daily dat regisseur Mungiu te veel thema’s tegelijk wil aanroeren. Volgens de criticus komt dat aan het licht in een sleutelscène op het stadhuis: ‘Geschoten vanuit één camerastandpunt is dat een indrukwekkende krachttoer. Maar het voelt ook alsof de maker hier in één keer alles uit de kast wil halen. Als een Franse medewerker van een ngo een betoog houdt over het behoud van de berenpopulatie in de omgeving, krijgt hij alles over zich heen, van Charlie Hebdo tot de erfenis van het Franse koloniale verleden.’  

    ‘Ondanks een gebrek aan ambitie in de finale is dit een prachtige nieuwe mijlpaal in het werk van deze Roemeense meester’ 

    Voor Ben Croll van het Amerikaanse Wrap Magazine kwam diezelfde scène juist als geroepen, want aanvankelijk was het of hij ‘een hoop puzzelstukjes aan elkaar moest leggen’. ‘De eerste negentig minuten voelen als een proloog, maar dan volgt een take van zeventien minuten waarin de regisseur zijn ware intenties uitkristalliseert. Het tekent Mungiu’s grote filmtalent.’

    Ook de criticus van Franse filmsite Le Bleu du Miroir is lovend over R.M.N., waarin een hedendaagse paradox volgens hem fraai in beeld wordt gebracht: ‘De angst voor buitenlanders, racisme, vooroordelen: het is des te verrassender omdat de dorpsbewoners zich uitdrukken in verschillende talen.’ Tegelijkertijd gaan diezelfde bewoners in het buitenland werken om in hun levensonderhoud te voorzien. ‘Ondanks een gebrek aan ambitie in de finale is dit een prachtige nieuwe mijlpaal in het werk van deze Roemeense meester.’ 

    R.M.N. van Cristian Mungiu draait vanaf 1 december in de bioscoop